Willem Alexanderhof 10
5141 DK Waalwijk
0627224887
0416345005
---------- Forwarded message ---------
Van: Fifie Koks <fifiekoks@gmail.com>
Date: za 23 mei 2026, 17:26
Subject: Alle brieven gericht aan; zijne hare majesteit koningin Maxima, Prinses Amalia, begeleidend schrijven aan de directeur van het kabinet, ter informatie een schrijven/kopie aan koning Willem Alexander. Daarnaast alle bijlagen mbt correspondentie van ACTW66 comite olv dHR. fERRY schwab + comiteleden-ICM onlin, Mijn VERHAAL incl. foto's van verloren landgoeden e.d.
To: Fifie Koks <fifiekoks@gmail.com>, peter koks <peterkoks54@gmail.com>
WAALWIJK, 24 MEI 2026
Aan Hare Majesteit de Koningin
Noordeinde 68
Postbus 30412
2500 GK DEN HAAG
Majesteit,
Met diep respect richt ondergetekende, mevrouw Josephine Koks-Bordes, wonende te Waalwijk, zich tot U met het verzoek aandacht te schenken aan de volgende kernvraag.
“Uw kijk op de verhouding tussen kind en moeder, en moeder en kind, bij ernstige verwaarlozing.”
1. Kern van mijn brief
Ik schrijf U als ondertekenaar van de petitie over het Traktaat van Wassenaar 1966. Vanuit ACTW-66 heeft de heer Ferry Schwab zich jarenlang ingezet om hiervoor aandacht te vragen bij het kabinet.
De petitie is op 15 maart 2022 aangeboden, samen met documentatie en een persoonlijk verhaal dat ik als bijlage opnieuw toevoeg.
Bij die aanbieding is het rapport, voorzien van 15.000 handtekeningen, in ontvangst genomen en toegelicht.
Kort daarna bood premier Rutte excuses aan naar aanleiding van het rapport over geweld tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog.
Daarbij werd ook uitgesproken dat excuses gelden voor iedereen in ons land die door dit geweld is geraakt. Toch is voor velen binnen de Nederlands-Indische gemeenschap de erkenning nog altijd niet volledig.
Ondanks deze stappen is er op de inhoud van onze oproep nauwelijks een betekenisvolle reactie gekomen.
Dat wekt de indruk dat deze oproep, samen met vele andere, terzijde is geschoven. Juist daarom blijft mijn vraag onverminderd actueel.
2. De centrale vraag
Hoe lang kan een verzoek om erkenning en rechtvaardigheid genegeerd blijven?
3. Persoonlijke en familiegeschiedenis
Achter deze vraag schuilen geen cijfers, maar levens. Mijn ouders zijn inmiddels overleden, evenals mijn oudste broer. Mijn broers en zussen dragen nog dagelijks de gevolgen van het verleden met zich mee. Ook ik behoor tot een generatie die te lang heeft gezwegen.
Ons is geleerd te zwijgen. Onze ouders, getekend door de Japanse interneringskampen, droegen hun pijn in stilte. Wij, hun kinderen, werden de stille dragers van wat nooit werd uitgesproken.
Maar zwijgen heeft geen recht gebracht en geen erkenning opgeleverd.
Mijn vader verliet Nederlands-Indië als een waardig man, maar kwam berooid aan in Nederland. Alles moest worden achtergelaten. In het zogenoemde veilige thuisland werden wij opgevangen in contractpensions, vaak achter hekken, niet als gelijken maar als buitenstaanders.
En toch waren wij Nederlanders. Mijn vader was Nederlander, geboren op Curaçao uit Nederlandse ouders. Zelfs de overtocht moest echter worden terugbetaald. Dankbaarheid werd verwacht, terwijl het verlies nooit werkelijk werd erkend.
4. Waarom ik mij tot U richt
Ik richt mij tot U omdat ik hoop op morele aandacht, menselijk begrip en ruimte voor erkenning. Mijn benadering is niet partijpolitiek, maar menselijk en gewetensvol.
De aanleiding voor deze brief is mijn overtuiging dat oprechte aandacht en erkenning verschil kunnen maken, juist wanneer onrecht lang heeft voortgeduurd.
5. De vergelijking die ik wil voorleggen
Wanneer in Nederland een kind ernstig wordt verwaarloosd, wordt terecht gekeken naar ingrijpen, herstel, verantwoordelijkheid en aantoonbare verandering. Mijn vraag is wat er moet gebeuren wanneer een hele gemeenschap zich al generaties lang niet gehoord, niet gezien en niet rechtgedaan voelt.
Eerdere publieke erkenningen door de Koning en het kabinet hebben laten zien hoe krachtig erkenning kan zijn, zelfs na vele jaren. Juist daarom raakt het des te meer dat de Nederlands-Indische gemeenschap die volledigheid nog steeds mist.
6. Mijn verzoek
Daarom vraag ik U met eerbied om deze noodkreet te willen horen: niet alleen namens mijzelf, maar ook namens mijn broers, zussen en de 15.000 ondertekenaars die om rechtvaardigheid vragen in relatie tot het Traktaat van Wassenaar 1966.
In mijn persoonlijke verhaal, opgenomen als bijlage, licht ik de vergelijking en de achterliggende pijn verder toe.
Ik stuur deze brief tevens ter informatie aan de Koning, de Prinses van Oranje en de zittende ministers, in de hoop dat deze kwestie niet langer wordt uitgesteld maar de aandacht krijgt die zij verdient.
7. Eerdere correspondentie en inhoudelijke grondslag
Sinds 2015 zijn meerdere brieven verstuurd aan betrokken bewindspersonen, waaronder de toenmalige ministers Zijlstra en Koenders. Deze correspondentie en de officiële aanbieding van het rapport zijn als bijlage toegevoegd.
De kern van mijn inhoudelijke punt is als volgt:
- De Indonesische regering heeft aan Nederland een bedrag van 689 miljoen gulden betaald.
- Volgens de evaluatie van het rapport van Buitenlandse Zaken blijkt de kwalificatie ‘lumpsum’ niet juist te zijn.
- Deze kwestie raakt Nederlandse staatsburgers die tijdens de repatriëring tussen 1947 en 1962 noodgedwongen huis, have en goed in Indonesië moesten achterlaten.
Na de aanbieding van het rapport zijn aanvullende brieven en e-mails gestuurd aan leden van kabinet en Tweede Kamer.
Bij verzending per aangetekende post en per e-mail worden de betrokken geadresseerden steeds expliciet vermeld.
8. Mede-geadresseerden
- Zijne Majesteit de Koning en Hare Koninklijke Hoogheid de Prinses van Oranje.
- De minister-president.
- De minister van Buitenlandse Zaken.
- De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Daarnaast wordt deze brief onder de aandacht gebracht van de overige leden van de huidige Tweede Kamer.
Hoe lang mag een stille roep om erkenning ongehoord blijven, voordat er werkelijk wordt geluisterd?
Ik hoop van harte dat deze brief mag bijdragen aan aandacht, erkenning en rechtvaardigheid.
Met oprechte hoogachting en met waardering voor uw betrokkenheid,
Heb ik de eer te tekenen met de meeste hoogachting,
Mw. Josephine Diana KOKS-BORDES
Willem Alexanderhof 10
5141DK WAALWIJK
Mobiel: 0627224887
Thuis: 0416345005
Bijlagen:
- ondertekening petitie + PERSOONLIJK verhaal/
documentatie van verlies - correspondentie met ministers ZIJLSTRA en KOENDERS
Aan
Hare Koninklijke Hoogheid
De Prinses van Oranje
Prinses Catharina-Amalia
Paleis Noordeinde 68
Postbus 30412
2500 GK Den Haag
WAALWIJK, 24 MEI 2026
Koninklijke Hoogheid,
Met de meeste eerbied wend ik mij tot Uwe Koninklijke Hoogheid met een persoonlijk en oprecht verzoek.
Ik schrijf U als Josephine Koks-Bordes, mede namens velen uit de Nederlands-Indische gemeenschap voor wie erkenning, ondanks het verstrijken van de jaren, nog altijd onvolledig voelt.
Juist omdat U als jonge troonopvolger verbonden bent met de toekomst van ons Koninkrijk, hoop ik dat mijn woorden bij U een moment van aandacht mogen vinden voor mensen bij wie het verleden nog altijd doorwerkt in het dagelijks leven.
Betreft: verzoek om aandacht en morele erkenning
In 2022 is namens 15.000 ondertekenaars een rapport aangeboden over het Traktaat van Wassenaar 1966. Toch leeft bij veel betrokkenen uit de Nederlands-Indische gemeenschap het pijnlijke gevoel dat het geleden onrecht en het blijvende verlies nog steeds niet ten volle zijn gezien.
Voor mijn familie en voor velen van mijn generatie gaat dit niet slechts over geschiedenis, maar over ouders die zwegen uit pijn, kinderen die verder moesten leven met wat nooit werkelijk werd uitgesproken, en families die de gevolgen van oorlog, verlies en ontworteling nog altijd met zich meedragen.
Daarom vraag ik U met eerbied deze brief te willen ontvangen als een menselijke oproep om aandacht en morele erkenning. Voor velen van ons zou het reeds van grote betekenis zijn wanneer deze pijn niet langer onopgemerkt blijft.
Van deze brief zend ik U tevens een exemplaar van de brieven die ik richtte tot Hare Majesteit de Koningin en aan Zijne Majesteit de Koning, opdat mijn verzoek in alle openheid en met gepaste eerbied onder hun aandacht wordt gebracht.
Mijn bedoeling is niet om op enig oordeel vooruit te lopen, maar om mijn verzoek op waardige en zorgvuldige wijze onder uw aandacht te brengen.
Het is in die geest dat ik ook U in deze kwestie met respect wil betrekken.
Vanzelfsprekend laat ik het geheel aan Uw eigen oordeel over of, en in welke vorm, U aan dit verzoek aandacht zou willen schenken.
Ter toelichting voeg ik mijn persoonlijke verhaal en eerdere correspondentie bij.
Ik vertrouw erop dat U mijn verzoek met de nodige discretie zult willen ontvangen en verblijf met de meeste hoogachting en oprechte eerbied,
Mw. Josephine Diana KOKS-BORDES
Willem Alexanderhof 10
5141DK WAALWIJK
Mobiel: 0627224887
Thuis: 0416345005
Bijlagen:
1. ondertekende petitie en persoonlijk verhaal
2. eerdere correspondentie
Aan de Directeur van het Kabinet van de Koning
De heer drs. F.J.J. Princen MPA
Postbus 30412
2500 GK Den Haag
Betreft: Aanbieding van een verzoek ter informatie aan Zijne Majesteit de Koning, inzake een erekwestie, welk verzoek is gericht aan
Hare Majesteit de Koningin
Paleis Noordeinde 68
2500 GK Den Haag,
24 mei 2026, Waalwijk
Hoogedelgestrenge heer,
Middels dit schrijven wend ik mij tot U met het verzoek om bijgaande brief en bijbehorende bescheiden ter kennisname voor te leggen aan Zijne Majesteit de Koning.
De bijgesloten brief betreft een erekwestie die naar mijn diepste overtuiging de persoonlijke aandacht van onze Koning behoeft, gezien zijn rol als hoeder van de eenheid en de waardigheid binnen ons Koninkrijk. Ik onderwerp me dan ook nederig ter wille van de Heer, op bijbelse maatstaven, de rol van Zijne Majesteit als aangestelde Koning, als hoogste gezag: 1 petrus 2 vers 13 te erkennen.
Het betreft een aangelegenheid waarbij veelvuldig een beroep is gedaan op erkenning van het gevraagde waarbij het ingediende Rapport Traktaat van Wassenaar 1966, centraal staat.
Ik ben mij terdege bewust van de constitutionele kaders, doch ik vertrouw erop dat U de ernst van de situatie zult erkennen en dit verzoek welwillend zult geleiden.
Ik dank U bij voorbaat voor Uw zorgvuldige bemiddeling in deze.
Met de meeste hoogachting,
Mw. Josephine Diana Koks-Bordes
Willem Alexanderhof 10
5141 DK WAALWIJK
email; fifiekoks@gmail.com
mobiel: 0627224887
thuis: 0416345005
Aan
Zijne Majesteit de Koning
p/a De directeur van het
Kabinet van de Koning
Postbus 30412
2500 GK DEN HAAG
* TER INFORMATIE TEN BEHOEVE AAN ZIJNE MAJESTEIT de KONING.
Een brief gericht aan Hare Majesteit de Koningin Maxima met het onderstaande verzoek.
WAALWIJK, 24 MEI 2026
Aan Hare Majesteit de Koningin
Noordeinde 68
Postbus 30412
2500 GK DEN HAAG
Majesteit,
Met diep respect richt ondergetekende, mevrouw Josephine Koks-Bordes, wonende te Waalwijk, zich tot U met het verzoek aandacht te schenken aan de volgende kernvraag.
“Uw kijk op de verhouding tussen kind en moeder, en moeder en kind, bij ernstige verwaarlozing.”
1. Kern van mijn brief
Ik schrijf U als ondertekenaar van de petitie over het Traktaat van Wassenaar 1966. Vanuit ACTW-66 heeft de heer Ferry Schwab zich jarenlang ingezet om hiervoor aandacht te vragen bij het kabinet.
De petitie is op 15 maart 2022 aangeboden, samen met documentatie en een persoonlijk verhaal dat ik als bijlage opnieuw toevoeg.
Bij die aanbieding is het rapport, voorzien van 15.000 handtekeningen, in ontvangst genomen en toegelicht.
Kort daarna bood premier Rutte excuses aan naar aanleiding van het rapport over geweld tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog.
Daarbij werd ook uitgesproken dat excuses gelden voor iedereen in ons land die door dit geweld is geraakt. Toch is voor velen binnen de Nederlands-Indische gemeenschap de erkenning nog altijd niet volledig.
Ondanks deze stappen is er op de inhoud van onze oproep nauwelijks een betekenisvolle reactie gekomen.
Dat wekt de indruk dat deze oproep, samen met vele andere, terzijde is geschoven. Juist daarom blijft mijn vraag onverminderd actueel.
2. De centrale vraag
Hoe lang kan een verzoek om erkenning en rechtvaardigheid genegeerd blijven?
3. Persoonlijke en familiegeschiedenis
Achter deze vraag schuilen geen cijfers, maar levens. Mijn ouders zijn inmiddels overleden, evenals mijn oudste broer. Mijn broers en zussen dragen nog dagelijks de gevolgen van het verleden met zich mee. Ook ik behoor tot een generatie die te lang heeft gezwegen.
Ons is geleerd te zwijgen. Onze ouders, getekend door de Japanse interneringskampen, droegen hun pijn in stilte. Wij, hun kinderen, werden de stille dragers van wat nooit werd uitgesproken.
Maar zwijgen heeft geen recht gebracht en geen erkenning opgeleverd.
Mijn vader verliet Nederlands-Indië als een waardig man, maar kwam berooid aan in Nederland. Alles moest worden achtergelaten. In het zogenoemde veilige thuisland werden wij opgevangen in contractpensions, vaak achter hekken, niet als gelijken maar als buitenstaanders.
En toch waren wij Nederlanders. Mijn vader was Nederlander, geboren op Curaçao uit Nederlandse ouders. Zelfs de overtocht moest echter worden terugbetaald. Dankbaarheid werd verwacht, terwijl het verlies nooit werkelijk werd erkend.
4. Waarom ik mij tot U richt
Ik richt mij tot U omdat ik hoop op morele aandacht, menselijk begrip en ruimte voor erkenning. Mijn benadering is niet partijpolitiek, maar menselijk en gewetensvol.
De aanleiding voor deze brief is mijn overtuiging dat oprechte aandacht en erkenning verschil kunnen maken, juist wanneer onrecht lang heeft voortgeduurd.
5. De vergelijking die ik wil voorleggen
Wanneer in Nederland een kind ernstig wordt verwaarloosd, wordt terecht gekeken naar ingrijpen, herstel, verantwoordelijkheid en aantoonbare verandering. Mijn vraag is wat er moet gebeuren wanneer een hele gemeenschap zich al generaties lang niet gehoord, niet gezien en niet rechtgedaan voelt.
Eerdere publieke erkenningen door de Koning en het kabinet hebben laten zien hoe krachtig erkenning kan zijn, zelfs na vele jaren. Juist daarom raakt het des te meer dat de Nederlands-Indische gemeenschap die volledigheid nog steeds mist.
6. Mijn verzoek
Daarom vraag ik U met eerbied om deze noodkreet te willen horen: niet alleen namens mijzelf, maar ook namens mijn broers, zussen en de 15.000 ondertekenaars die om rechtvaardigheid vragen in relatie tot het Traktaat van Wassenaar 1966.
In mijn persoonlijke verhaal, opgenomen als bijlage, licht ik de vergelijking en de achterliggende pijn verder toe.
Ik stuur deze brief tevens ter informatie aan de Koning, de Prinses van Oranje en de zittende ministers, in de hoop dat deze kwestie niet langer wordt uitgesteld maar de aandacht krijgt die zij verdient.
7. Eerdere correspondentie en inhoudelijke grondslag
Sinds 2015 zijn meerdere brieven verstuurd aan betrokken bewindspersonen, waaronder de toenmalige ministers Zijlstra en Koenders. Deze correspondentie en de officiële aanbieding van het rapport zijn als bijlage toegevoegd.
De kern van mijn inhoudelijke punt is als volgt:
- De Indonesische regering heeft aan Nederland een bedrag van 689 miljoen gulden betaald.
- Volgens de evaluatie van het rapport van Buitenlandse Zaken blijkt de kwalificatie ‘lumpsum’ niet juist te zijn.
- Deze kwestie raakt Nederlandse staatsburgers die tijdens de repatriëring tussen 1947 en 1962 noodgedwongen huis, have en goed in Indonesië moesten achterlaten.
Na de aanbieding van het rapport zijn aanvullende brieven en e-mails gestuurd aan leden van kabinet en Tweede Kamer.
Bij verzending per aangetekende post en per e-mail worden de betrokken geadresseerden steeds expliciet vermeld.
8. Mede-geadresseerden
- Zijne Majesteit de Koning en Hare Koninklijke Hoogheid de Prinses van Oranje.
- De minister-president.
- De minister van Buitenlandse Zaken.
- De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Daarnaast wordt deze brief onder de aandacht gebracht van de overige leden van de huidige Tweede Kamer.
Hoe lang mag een stille roep om erkenning ongehoord blijven, voordat er werkelijk wordt geluisterd?
Ik hoop van harte dat deze brief mag bijdragen aan aandacht, erkenning en rechtvaardigheid.

