Alle berichten (1)

Sorteer op
 

31027743075?profile=RESIZE_710x

Brochure Min.Buza "To forget of a promise for The future "   het evaluatie-rapport over  het verdrag van Wassenaar.

DEEL VI

Redactie ICM wist dit document  te bemachtigen zoals Min.BuZa pleegt te noemen  " To forget of a promise for The future " .  Het is gewoon een evaluatie rapport verpakt in Brochure die ruimt 90 pagina's bevat.  Naast deze onthulling,  zijn andere  zaken bove tafel gekomen, van die dure onderzoeken. Uit Wob's bij de andere  collega Ministeries bleek dat  o.a. dat lumpsum niet 689 miljoen bedraagt, maar 6 miljard. Verder was het  aan Min.Buza alles  gelegen om het bestaan van dit verdrag niet in openbaar te publiceren, zodat de gedupeerden geen claim konden indienen. Gekscherend genoeg bij WOB min. Financien kwam deze met kopie - artikel in parochie-krantje.  (WOB = Wet Openbaar Bestuur).  Voor ICM was dit een mooie vangst.   ICM brengt dit rapport in delen uit.

____________________________________________________________________________________________________________________________________________________

  1. Nederland komt de financiële uitvoering niet na

 

Op de redactie van ICM -de Indische Internetkrant opgericht in 1999- kwamen veel reacties binnen van abonnees/lezers met betrekking tot het financiële onderdeel van dit Verdrag. Waarom wordt niets ondernomen door de Indische belangenorganisaties aangesloten bij het Indisch Platform, of door het Indisch Platform zelf? Er zijn praktijkgevallen bekend van claimanten, die door het betreffende Ministerie van Buitenlandse Zaken (Min. van BuZa) van het kastje naar de muur werden gestuurd, met de letterlijke mededeling “het geld maar bij Soekarno te innen”

Tijdens het IP & ICM-Festival in oktober 2009 stelde Halbe Zijlstra (oppositie VVD) Kamervragen met betrekking tot ‘waar het bedrag van Hfl. 600 miljoen is gebleven?’.

(Zie reportage ICM Link: http://icmonline.ning.com/video/reportage-ip-manisfestatie-ip

De Nederlandse Overheid, in dezen vertegenwoordigd door het Ministerie van Buitenlandse Zaken, wordt verweten het financiële gedeelte van het Verdrag bewust niet conform te hebben uitgevoerd en verzuimd de Nederlandse - Indische Gemeenschap erop te wijzen, dan wel te informeren over de mogelijkheden van deze voorziening.

Publicatie verscheen, zij het gedurende een zeer korte periode van drie maanden, in de -voor de meeste getroffenen weinig toegankelijke- Staatscourant. Tegelijkertijd zijn gedurende de periode 1966 tot 2015 voldoende mogelijkheden aanwezig geweest om deze voorlichting via haar collega ‘het Ministerie van VWS’ alsnog te regelen, opdat de betreffende Nederlands-Indische bevolkingsgroep zich kon beroepen bij;

  • de gehouden onderzoek

    (Commissie Van Kemenade), - Commissie Kordes (Tastbare zaken), - Commissie Scholten (Financiële tegoeden), - Commissie Van Galen (Indische tegoeden), - Commissie Ekkart (Teruggave Kunst)

    • 2000 Het Gebaar

    • WUV (1973), WUBO (1984) en WIV (1986), KNIL-uitkering 10 december 2015

    Daaraanvolgend zal de forse kapitaalvernietiging over een periode van ruim 15 jaar voor rekening komen van de Nederlandse Staat, waar de gulden een forse koersval maakte door invoering van de Euro in 2001, door het ontzien van vruchtbaar gebruik van het kapitaal, rente op rente en indexering.

    AFM & De Nederlandsche Bank 

    Naar aanleiding van verzoeken van ICM-lezers zijn de AFM en De Nederlandsche Bank benaderd. Deze laatste ter verificatie of inderdaad de betalingen aan Nederland hebben plaatsgevonden (zie e-mail berichten in de bijlage).

    Om beide BV’s, ClaimIndo en BelIndo, als toezichthouder bedrijfsmatig aan de kaak te stellen, diende de ICM Redactie een klacht in bij de AFM, met als insteek vanuit het perspectief van de consument. De AFM was van mening dat deze zaak te complex was en niet tot hun werkterrein behoort. Bij navraag bevestigt de Nederlandsche Bank, dat de Republiek Indonesië de bedragen volledig heeft overgemaakt aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken, voor het laatst in 2001.

     

    1. Interventie kamerlid Halbe Zijlstra

     

    Tijdens het IP en ICM-festival stelde Halbe Zijlstra namens de VVD de vraag, waar of die 600 miljoen oude guldens zijn gebleven. Ook stelde hij vast dat je een claim niet met een andere claim kunt betalen, dan wel verrekenen of afkopen:

    (zie hiervoor de link: http://icmonline.ning.com/video/reportage-ipmanisfestatie-ip).

    Halbe Zijlstra heeft hierover schriftelijk vragen gesteld aan Ab Klink van het Ministerie van VWS. De antwoorden van Ab Klink waren in een rookgordijn verhuld en verre naar tevredenheid van Halbe Zijlstra.

     

    Antwoord AB Klink (VWS) namens het Ministerie van BuZa:

     

    Het is op zijn minst merkwaardig te noemen, dat een Minister van VWS de vragen beantwoordt, terwijl het ‘Verdrag Traktaat van Wassenaar 1966’ met het Ministerie van Buitenlandse Zaken werd gesloten en van 1973 tot 2003 de financiële betalingen via ditzelfde Ministerie plaatsvonden. Zie de brief van Ab Klink in de bijlage.

     

    1. Verwijtbare bewuste nalatigheid van de Staat der Nederlanden

     

    Het Ministerie van BuZa wordt bewuste nalatigheid verweten, met vergaande consequenties voor in eerste instantie de rechthebbenden, waarvoor de Republiek Indonesië deze compensatie betaalde. De gedupeerden werden genoodzaakt zelf de overtocht, verblijfs- en herinrichtingskosten terug te betalen, waardoor zij tevens een extra grote last te dragen kregen, terwijl zij druk doende waren met enkel ‘overleven’.

    In tweede instantie werd de Republiek Indonesië flink geblameerd na het zeer moeizaam overeengekomen akkoord. Het gevolg was, dat de verhoudingen tussen beide landen verkoelden, waardoor de handelsbetrekkingen werden geblokkeerd.

    Aan zo’n 341.000 personen werd gedurende 50 jaar de vergoeding ontzegd. Nimmer kan het gebruik van deze ‘vergoeding’, dat het leven na de gruwelen van de Japanse bezetting en de Bersiap enigszins diende te veraangenamen en te verlichten, nog voldoening geven immers het merendeel van de getroffenen is reeds overleden. Al deze gezinnen droegen en dragen nog steeds, de zware last met zich mee.

     

    Het Ministerie van BuZa heeft de afgelopen periode ruimschoots de gelegenheid gehad om de Nederlandse - Indische Gemeenschap, via haar collega het Ministerie van VWS, te informeren. Het Ministerie van BuZa ,als wel de regering, wordt het vorenstaande verzuim extra zwaar aangerekend.

    Ondernomen Acties

    1. Het ACTW66 is in Oprichting van het Actiecomité TvW-66 (Verdrag Traktaat van Wassenaar 1966’

    Om deze zaak tot een oplossing te brengen heeft de Nederlandse - Indische Gemeenschap het Actiecomité TvW-66 (Verdrag Traktaat van Wassenaar 1966) ofwel ACTW66 in het leven geroepen.

    Het ACTW66 is een claimstichting die collectief de Nederlandse Staat juridisch aanspreekt namens de 60.000 - 70.000 gedupeerden die recht hebben op hun compensatie. Zij op hun beurt, kunnen zich weer inschrijven als deelnemer van deze claimstichting.

     

    In maart 2015 opgericht door het bestuur dat bestaat uit:

    • Rob Andreas (NINES)

    • R.I.P. Marshal Manengkei (MM Sustainables & MultiMedia Ltd) .

    25 Aug 2017 om 16.00 uur overleden in het RSPAD ziekenhuis Gatot Subroto Jakarta.

    • Ferry Schwab (Editor ICM)

     

    Doelstellingen:

    De doelstelling is de Nederlandse regering te bewegen tot uitvoering van het ‘Verdrag Traktaat van Wassenaar 1966’, met als resultaat betaling van Euro 2,4 miljard (oorspronkelijk Hfl. 689 miljoen).

    Oprichting van de ‘Deelnemersraad’, ‘Stichting Uitbetalen Traktaat van Wassenaar 1966’ en de ‘Stichting Beheer Indische Projecten’.

    Genoemde stichtingen zullen de zaken behartigen namens de belanghebbenden; dit zijn allen die uit Indonesië naar Nederland moesten vluchten (anders aangeduid, de repatrianten van 1949 – 1966). Gekozen is voor aanpak van een tweesporenbeleid; politiek en juridisch.

    ACTW66 als claimstichting die de noodzakelijke uitvoeringswerkzaamheden verricht evenals de benodigde facilitaire zaken voorfinanciert naast juridische bijstand van het Jakarta Advocaten Team (JAT), die de zaak namens de belanghebbenden (gedupeerden) zal gaan behartigen, op basis van ‘no cure no pay’.

    Het voorstel is dat het JAT een dialoog aangaat met Minister Bert Koenders met als doel om tot een oplossing te komen. Vooraf vindt de aankondiging plaats middels het aanbieden van het ‘Voorstel Conceptrapport ten behoeve van de Uitvoering van het Verdrag Traktaat van Wassenaar 1966’, tezamen met de 10.000 handtekeningenpetitie. De petitie zal voor onbepaalde tijd worden gevoerd.

    Het “Voorstel Conceptrapport Verdrag Traktaat van Wassenaar 1966” wordt het vertrekpunt voor onderhandelingen met het Ministerie van BuZa en het JAT. Gelijktijdig dient dit rapport ter kennisgeving aan de nog op te richten: ‘Deelnemersraad’ en tevens terugkoppeling tijdens de onderhandelingen.

     

    10. Brief aan Bert Koenders, Minister van Buitenlandse Zaken met c.c. aan Kamerlid Halbe Zijlstra

     

    11. Antwoordbrief namens Bert Koenders

    In deze brief doen zich oneffenheden voor. In beginsel wordt verwezen naar het Ministerie van VWS, terwijl het Verdrag werd gesloten met het Ministerie van BuZa, evenals de uitvoering voor de termijnbetalingen van 1973 tot 2003 van de Republiek Indonesië geschiedde aan het Ministerie van BuZa. Het Ministerie van BuZa ging met het Indisch kapitaal naar de beurs om de bekende BV’s ClaimIndo en Belindo te beleggen (zie bijlage).

    Dan wordt gesteld dat ‘ruimschoots bekendheid is gegeven’. Ook dit is onjuist, gezien de korte periode dat de vermelding in de Staatscourant verscheen. Wie waren/zijn überhaupt de lezers van de Staatscourant? Claimanten werden in deze periode bewust van het kastje naar de muur gestuurd door het Ministerie van BuZa met de mededeling, dat ‘het geld bij Soekarno diende te worden geïnd’.

     Door te ‘verwijzen’ naar het Ministerie van VWS dat alle Indische dossiers in beheer heeft, is het tevens vreemd te moeten constateren, dat Staatsecretaris Martin van Rijn aan het Indisch Platform te horen geeft: “Ik heb geen geld”.

    Voorts wordt gesteld, dat het bedrag van 689 miljoen oude Nederlandse Guldens niet is bestemd voor de Nederlandse - Indische Gemeenschap, maar voor diegenen die aantoonbare schade hebben geleden door de nationalisatie van Nederlandse eigendommen in de periode van 1949 tot 1962”.

     

    Uit juridisch oogpunt wordt met ‘diegenen’ wel degelijk de Nederlandse - Indische Gemeenschap aangeduid t.w. de groep die de Japanse bezetting, de machtsoverdracht en/of de Bersiapperiode hebben meegemaakt en daardoor al hun (waarde)bezittingen verloren.

    Als vluchteling, waar de Nederlandse Overheid al te graag de term ‘repatriant’ opplakt om de claims weg te wuiven moet niet vergeten worden, wié de veroorzaker was van al die oorlogen en de desastreuze gevolgen hiervan; het leven werd in een hel veranderd. Voor de Nederlandse - Indische Gemeenschap, valt de genoemde periode 1949 – 1962 onder de Bersiap. Met klem wordt verwezen naar het boek van wijlen Herman Bussemaker.

     

    Eenmaal aangekomen in Nederland hebben zij hiervoor nimmer compensatie mogen ontvangen. Zij ontvingen enkel een voorschot, doch moesten alles terugbetalen. Tegelijkertijd werden de oorlogsslachtoffers in Nederland wel gecompenseerd en ontving  Nederland hiervoor ‘Marshallhulp’, exclusief de Hf. 689 miljoen van Soekarno en de Hfl. 3 miljard vergoeding van Japan. Door hetzelfde kabinet wordt besloten om de huidige vluchtelingen een bedrag van € 4.000,00 per maand te vergoeden. Volgens rekenvoorbeeld van de PVV een bedrag van € 42.000,00 op jaarbasis.

    De compensatie (hoogte van het bedrag) voor de Indische Nederlanders, dient minimaal gerelateerd te worden aan de inrichtingskosten van een huis, voor een gezin.

     

    12. Ontvangstbevestiging brief

Lees verder…

Blog Topics by Tags

Monthly Archives