Ferry Schwab's berichten (2037)

Sorteer op

10897285897?profile=originalMinister Schultz zal het masterplan NCICD presenteren, Jakarta new perspective

Video over het Jakarta masterplan dat tot doel heeft om inwoners van Jakarta voor toekomstige overstromingente behoeden.. Deze kust beschermingprogramma is ontwikkeld door een consortium van industrieën in de Nederlandse watersector en gepresenteerd door de Nederlandse overheid. Partners in dit consortium zijn: Witteveen + Bos, Grontmij, RoyalHaskoningDHV, Nederland Water Partnership, KuiperCompagnons, Deltares, Ecorys, UNESCO-IHE.

Mijn taak was om een video te maken:

1. dat verklaart de situatie van Jakarta draden,
2. toont de belangrijkste elementen van het masterplan (NCICD); hoe de uitdagingen kunnen worden omgezet in kansen,
3. hoe dit plan kan versterking van het partnerschap tussen Nederland en Indonesië.

De video - samen met een bidbook - werd gepresenteerd door Minister-president Mark Rutte op de Nederlandse handelsmissie in Indonesië, val 2013. Minister Schultz zal het masterplan NCICD in April 2014 presenteren,  over haar bezoek aan Jakarta.

Lees verder…

Gratis NICC magazine | Jaargang 6, april 2014 |

10897255061?profile=originalGratis NICC magazine |  Jaargang 6,  april    2014 | Oplage: 7000 |  Hoofdredacteur:  Hans Vogelsang

.

Beste lezers, 

Allereerst willen wij namens de redactie en het gehele team van het Nederlands Indisch Cultureel Centrum en de technische staf die de verzending verzorgt u een heel voorspoedig 2014 toewensen met veel geluk en gezondheid.
 
In NICC Magazine onder andere de volgende onderwerpen: 

 

10897284476?profile=originalIn Memoriam Lorraine Bartelds-Schwab  (Dochter van Ferry & Astrid Schwab)

Dit is het februarinummer van NICC Magazine (voorheen Nieuwsbrief), met daarin onder andere de volgende onderwerpen: 

Nog miljoenen tegoed………………….……....2

Het verhaal van Eddy Samson………………………...3

Coverstory: Bloedige Bersiap………….….…………..8

Foto vindt familie….12

Indonesisch kolonialisme?............13

Tropenmuseum wil groots verbouwen...14

Indo Rock (4)……..….15

Krakatau tragedie…16

Specerijen van Indonesië……….…………18

Kinderhulp.nl….…..….25

Wonderkamers…..….26

 

 

Rubrieken:   Recept, Korte Berichten, Boekbespreking, Gedicht, Just4kids, Indische Agenda, Advertensi Mini, Column, Pasar Malam Kalender.

  • Wij wensen u weer veel leesplezier 

Om NCC - maandblad te lezen (downloaden) ga naar de rubriek  Indisch Maandblad van www.icm-online.nl

 

                                 >>>>>>>>  NICC MAGAZINE Downloaden                                  >>>>>>>>>             

 

 

Lees verder…

Goed nieuws voor gepensioneerden in Indonesie!

10897283271?profile=originalWijziging van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945 in verband met het vervallen van de grondslag naar het inkomen in Indonesisch courant ter goedkeuring aangeboden aan de Eerste - en Tweede Kamer!

 

Goed nieuws voor de gepensioneerden in Indonesie!

 

Met dank aan onze correspondent: De Ruwe Diamant.

Enkele passages uit MEMORIE VAN TOELICHTING

 

 

Algemeen

Aanleiding Op 20 december 2012 heeft de Centrale Raad van Beroep (hierna: CRvB) geoordeeld dat de Pensioen- en Uitkeringsraad (hierna: PUR) bij de vaststelling van de grondslag voor de uitkering op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945 (hierna: Wuv) het artikel van deze wet waar de toepassing van de rupiah-grondslag wordt geregeld buiten toepassing had moeten laten, omdat die grondslag een niet te rechtvaardigen onderscheid maakt op grond van nationale afkomst in de zin van artikel 26 van het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (hierna: IVBPR. CRvB 10/4054 WUV R003 91). Met dit wetsvoorstel vervalt de aparte rupiah-grondslag, zodat voor alle uitke-ringsgerechtigden zal worden uitgegaan van de euro-grondslag. Hiermee wordt niet langer onderscheid gemaakt tussen uitkeringsgerechtigden die vervolgd zijn in het voormalige Nederlands-Indië en in Indonesië gevestigd zijn en uitkeringsgerechtigden die elders wonen.

 

Achtergrond van de Wuv en de rupiah-grondslag De Wuv is in 1972 tot stand gekomen om degenen die om redenen van ras, geloof of wereldbeschouwing tijdens de bezetting van Nederland en het voormalige Nederlands-Indië in de periode 1940–1945 zijn vervolgd, in staat te stellen te kunnen voortleven overeenkomstig het levenspeil waarop zij leefden vóór de materiële gevolgen van de vervolging tot uiting kwamen. Wegens de medische (veelal psychische gevolgen) van de vervolging werden deze oorlogsslachtoffers als een bijzondere groep beschouwd waarvoor een bijzondere solidariteitsplicht bestaat. De Wuv biedt daarom een maandelijkse inkomensaanvullende uitkering die een individueel vastgesteld inkomen garandeert. Deze uitkering is geen vergoeding voor gemiste kansen of verloren bezittingen en is geen smartengeld voor ondergaan leed, maar een financiële ondersteuning voor vervolgingsslachtoffers.

 

Financiële gevolgen

Op de peildatum van 1 januari 2013 waren er 521 in Indonesië wonende cliënten waarbij als gevolg van dit wetsvoorstel de naar rupiah-grondslag berekende uitkering moet worden herberekend naar de euro-grondslag. De PUR/SVB heeft in de uitvoeringstoets aangegeven dat, uitgaande van een gemiddelde grondslag, de structurele extra programma-uitgaven voor de Wuv € 7,6 mln. zullen bedragen. Ten aanzien van de programma-uitgaven wordt door de PUR/SVB aangegeven dat deze voor de komende jaren een sterk dalende trend te zien zullen geven. De afname van het bestand in Indonesië wonende cliënten is de afgelopen jaren minimaal 10% per jaar geweest. Tevens is er sprake van een sterke wijziging in de vorm van de aanspraken op de Wuv: van uitkeringen voor de vervolgden zelf naar de (lagere) nabestaandenuit-keringen.

 

 

Artikel III

Artikel III bepaalt dat dit wetsvoorstel, indien verheven tot wet, in werking treedt met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst en terugwerkt tot en met 20 december 2012. In het algemene deel van deze toelichting is reeds aangegeven dat voor een dergelijke terugwerkende kracht bijzondere redenen bestaan.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, M.J. van Rijn

 

 

 

VOLLEDIGE PFD IS HIER TE LOADEN  HIER

of

https://storage.ning.com/topology/rest/1.0/file/get/10897283294?profile=original

Lees verder…

Oostindisch Kampsyndroom van Kousbroek

10897249257?profile=originalOostindisch Kampsyndroom van Kousbroek

Besproken door Pjotr.X.Siccama – deel 13

 

‘’Azië voor de Aziaten”” schreef Bart van Poelgeest in het NRC Handelsblad ( 01.1989)

Kousbroek schrijft dat van Poelgeest bedoelde:’”Azié voor Japan’’. In dat artikel citeerde van Poelgeet de uitspraken van de ex Japanse-minister Okunó., waarin deze Okuno zich ‘’poogde voor te stellen of de Japaners tijdens de oorlog in Azië nooit iets hadden misdaan en in feite alleen maar werden gedreven door idealistische motieven’’

En vervolgt van Poelgeest dat’’ deze uispraken niet verschillen van de Japanse propaganda voor de’’Groot Aziatische Welvaartsfeer’’.

Beroepen op die uitspraken zijn door het Tokyo Tribunaal nooit geaccepteerd als rechtvaardiging van de Japanse agressie.

Zoals we weten had een van de leden van het Tokyo Tribunaal te weten de Indiase rechter Pal (ongetwijfeld tot onsteltenis van de leden van het Tribunaal), vijspraak verzocht voor de betrokken Japanse misdadigers. – Dan citeert Kousbroek van Poelgeest over deze rechter Pal: citaat’’..moest een ongeloofwaardige poging doen de Japanse oorlogsmisdaden te bagatelliseren om niet in de knoop te raken met zijn onwrikbare overtuiging dat Japan he beste had voorgehad met de onderworpen volken’’ (in Azië) einde citaaat.

 

Dat vond Kousbroek niet eerlijk tegenover de rechter Pal en vroeg zich in de eerste plaats af wat van Poelgeest ermee wil bewijzen. En zegt hierover dat Pal niet altijd uitmuntte (wat de Fransen noemen: de la suite dans les idees ( letterlijk: het verloop/gevolg in de gedachtengang- of de puntjes op de ‘’I’’ zetten in de motiveringen van discours)

Maar dat hij de Japanse misdaden niet had gebagatelliseerd. gelukkig maar... Pal s argumenten tijdens het proces ging namelijk niet minder dan bewijzen

of op zn minst aanwijzingen te vinden die Hirohito konden belasten (dus  opdracht van hogerhand). Een vergelijkende verwijzing naar Nazi Duitsland was het niet en was ook geen onderdeel van een stelselmatig systeem en kan die hogerhand daarom ook niet worden veroordeeld.

Van Poelgeest wil in zijn artikel aantonen dat Japan uit eigen belang de helft van Azië wil annexeren onder het voorwendsel van een’’Groot Aziatische Welvaartsfeer’’. Een grote leugen natuurlijk en daar heeft van Poelgeest een serieus punt : Japan had zonder twijfel een dubbele agenda. Welk Aziatisch land had toen het idee (of vermoeden) van de dubbele bedoeling van de Japanners? Geen een; de buurlanden waren immers beschaafde naties en te goeder trouw!

Nog een argument van rechter Pal over de uitspraak dat hij overtuigd was dat Japan ‘’de beste bedoelingen had met de onderworpen volken in Azië’’. Nogmaals een leugen van de Japanners en wel om de volgende redenen:

.Wanneer Japan toch zo zeer begaan was met het lot van haar Aziatische buren, val je de buren niet aan en al helemaal niet zonder (oorlogs(verklaring); (overigens het Westen: de VS werd zonder oorlogsverklaring ook aangevallen- in Japans ogen waren de VS dé grootste vijandelijke mogendheid) en de buren successievelijk horig maakt. Waar zijn de goede bedoelingen? Japan kon toch ook op andere manieren toenadering zoeken met haar buren, (economisch/cultureel en politiek)  Maar die weg is een te lange.- daar had Japan geen tijd voor blijkbaar.

10897282252?profile=originalfoto / Prof.Röling – rechter Tokyo Tribunaal

De aanval van Japan op Pearl Harbour was een zekere wraak (aanleiding tot de WOII) op de wapen en olie embargo van de VS voor Japan, nadat de slachting door Japan bekend werd van Chinese burgers in Nanking en Shanghai in 1937/38 die er had plaatsgevonden, en de VS haar visie op de Japanse politiek totaal had gewijzigd.

De argumenten van rechter Pal waren, dient te worden begrepen dat het ook niet geheel vrij van – weliswaar zeer begrijpelijk - (formuleer ik voorzichtig) vooringenomenheid  en ressentiment (hij was per slot een Indiër en 

 10897282089?profile=original

 

 ‘’onderdaan’’ van het Britse Rijk) en vond, dat wanneer Japan schuldig is aan een veroveringsoorlog (mijn

cursivering) in Azië, dan waren de westerse koloniale mogendheden dat ook. In die positie sloot hij zich zelfs aan bij het argument van de verdediging. Een hele consternatie bij de overige internationale rechters tijdens het Tokyo proces. Ziedaar Pal s dissenting10897282675?profile=original 

Opinion. De in het proces genoemde ‘’the supreme crime’ (in de formulering: misdrijf tegen de vrede en de strafbaarstelling van aggressieve oorlog.) komt derhalve neer op het bevriezen van de status quo van de koloniale status.

Het is begrijpelijk van Pal, niet alleen als lid en rechter van het tribunaal maar ook als burger van een land als India  dat in die tijd nog door een westerse mogendheid werd bestuurd.(gekoloniseerd en dus bezet)

Immers hij zal dagelijks zijn geconfronteerd met onafhankelijkheidsideeen en verlangens en niet alleen in India.

De Nederlandse rechter bij het tribunaal Mr.Röling had de rechter Pal goed begrepen en had zelfs  enige begrip voor zijn opinion. In een interview (NRC Handelsblad 8-1980) vertelde Röling Citaat ‘’..dat de Aziatische bevolking voor het merendeel het de Japanners niet kwalijk nam dat ze een oorlog begonnen om de Europeanen uit Azië te verdrijven.

En de leus Azié voor de Aziaten was voor de Aziaten een heel begrijpelijke leuze’’einde citaat.

 Maar natuurlijk is de gemeenschappelijke ‘’vijand’’ wederom ‘’het westen of de Europeanen’’ en dat werd door Japan de buurlanden constant voorgehouden en in hun propaganda s uitgemolken. Dat gaf Japan alle instrumenten in de hand om als Aziatische superstaat te opereren. De massa volgt dit soort propagandaleuzen gewillig en zeker als het om een collectief ideaal gaat. De gevolgen van de goede trouw van de Japanse buurlanden werd beloond met het grote bedrog in hun leven.


Citaat:’’Met de jaren zijn wij er toe gekomen instinctief (!) de superioriteit van de blanken te erkennen, en de Chinesen en andere volken uit het Zuiden te minachten. Als we dat doen kunnen we onszelf net zo goed weggooien.’’ Einde citaat.

Diepte de schrijver op uit een Japans instructieboekje.

 

Er dan volgen nog meerdere van dergelijke onzinnige versen, waaruit kan worden afgeleid dat het met de Aziatische Welvaartsfeer die Japan haar Aziatische buurlanden met die leuze lokt met een grote pot zout dient te worden genomen.

De door rechter Pal vededigde Japanse human ideal is met deze vastselling geheel aan gort geslagen.

Of de Indiase rechter Pal en trouwens de overige rechters van het Tribunaal dergelijke geschriften c.q. instructies/convocaties in handen hadden gehad is maar de vraag.

 

Indien Pal wel op de hoogte was van het bestaan van deze instructies, dan was het buitengewoon naïf van de man en onderstreept  bovendien zijn precoccupaties jegens de (de huidige status (quo) van de kolonieën die niet eeuwig konden voortduren) koloniale mogendheden sterk.

Waar blijven dan toch de zo goed bedoelingen die Japan met Azië (e.a.) voor had?

De grootste leugen en groot verraad van Japan aan zijn directe buren en aan de Wereld.

 

Maar Pal s bevooroordeeldheid ligt nog fundamenteel gevoeliger dan we dachten. Was het niet de Indiase groep waar hij ook toe behoorde die Japan zo bewonderde, omdat dat het enige land is dat tegen ‘’het westen’’ durfde op te nemen?

 

Het deed me denken aan een herdenking die de schrijver in Utrecht had bijgewoond en er tot in de bijzonderheden over schrijft over een herdenkingsrede door Professor N. Beets.

Deze spreker, ( Kousbroek);’’.. hield zijn toehoorders voor..’’ citaat Beets:’’ ..moesten verwerken dat ze geconfronteerd werden met een niet-westerse agressor’’ (einde citaat)

Kousbroek vroeg zich, zeer begrijpelijk, of dat erger is dan een westerse aggressor. In andere toespraken sprak hij over  ‘’oosterse-agressors’’.

Wanneer in dit land tijdens de (IIWO) oorlogsherdenkingen toespraken worden gehouden, dan spreekt men bijvoorbeeld wel van ‘’onze ooster buren’’, maar voor de Japanners geldt dat opeens niet. – Inderdaad een merkwaardig vergelijk. Een niet-westerse aggressor wordt hiermee ‘’niet blank’’ bedoeld en moet worden begrepen in een raciale context.

 

Zowel Pal als de anti koloniale (verwoed lid van de uiterst linker vleugel van de Socialistische Partij in India vóor de 2e WOII) Indiase Bose, worden tot op heden in sommige kringen in Japan bewonderd voor hun moed en uitspraken (Pal-tijdens he Tokyo Tribunaal)

Er bestaat zelfs een klein herdenkingsmonument voor R.Pal in Japan. Kousbroeks constatering van de diepgewortelde wrok van rechter Pal en zijn geestelijke medestander Bose jegens de Britse overheersing in India en elders in de Wereld, heeft het beginsel van universeel Recht (en rechtvaardigheid in juist deze gevallen) terecht haar aandacht gevraagd op het Wereldpodium. Het is begrijpelijk van Pal om de internationale rechters op te wijzen dat er geen superieure (koloniale) of andere mogendheden bestaan en dat er om die reden (daarom ook) de (koloniale) status quo diende te worden bevroren en het tribunaal tot herbezinning moest komen om het evenwicht te vinden voor een zuiver oordeel.

 

Pjotr.X.Siccama

10897282496?profile=original

1

Sundra Ch.Bose -

 

Wordt vervolgd

Lees verder…

Project de Indische Toren

10897281460?profile=originalIndische Toren

Indische Toren in de Indische Buurt in Almere-Buiten

Betaalbaar wonen in een 2 of 3-kamer appartement in Almere-Buiten? Ideaal voor starters en senioren! 

Op loopafstand van het winkelcentrum, bus- en treinverbinding, zorgvoorzieningen en sportfaciliteiten. 

De appartementen van ca. 50m2 hebben een balkon of tuin, gemeenschappelijke berging en parkeerplaatsen aan de achterzijde en zijkant van het gebouw. 

Start van de bouw is gepland medio september 2014. 

Voor € 99.500,- v.o.n. is dit al mogelijk! 

Inschrijfformulier
Download het inschrijfformulier. U kunt het formulier uitprinten en invullen. Verstuur het formulier per post, of scan het in en verstuur het per e-mail. 

Kom vrijblijvend een kijkje nemen op de bouwlocatie. Adres: hoek De Evenaar/Menadostraat (t.o. de Regenboogbuurt). 
Of maak een afspraak met de NBP Makelaardij, tel. 036 5244573 of 06 46415767

Lees verder…

Herinneringen aan... Een confrontatie

Herinneringen aan... Een confrontatie

Door Paul Baro (1941)

Nadat Nederland de Indonesische archipel in 1949 had overgedragen aan het Indonesische gezag groeide de agressie tegen Nederlanders. De agressie kende geen leeftijdsgrenzen en was ook voor Indo’s zeer voelbaar.

In 1954 was ik met nog drie andere vriendjes van de 7e klas lagere school naar de 1e klas van de Concordante HBS, gelegen aan Getengkali in Surabaya gegaan. Een van hen was Jan Blom, een totok (blanke) jongen die ergens in Gubeng woonde. Jan was sterk en bepaald niet bang uitgevallen.

Op een dag kwam Jan nogal verhit op school. Hij stalde zijn fiets en vertelde ons dat hij onderweg ruzie had gekregen met een paar Indonesische jongens. Hij had de Indonesiërs wat te lang naar hun zin aangekeken en dat was voor hen voldoende om ruzie te maken. Jan, die zich niet snel liet intimideren, gaf na vervelende opmerkingen van de Indonesiërs natuurlijk een gevat antwoord waarna de zaak escaleerde. Nadat de heren elkaar al fietsend een paar klappen hadden uitgedeeld fietsten de twee Indonesiërs weg met het dreigement dat ze Jan na school wel wisten te vinden. 

En passant vertelde Jan ons dat hij een van de tegenstanders waarschijnlijk een blauwoog had bezorgd. Nou, dat zat dan wel goed vonden we. ‘Wees maar gerust Jan’, zei ik stoer, ‘straks fiets ik wel met je mee naar huis.’ Een ander vriendje, een Indische jongen wiens naam ik vergeten ben, liet zich niet onbetuigd en beloofde ook mee te fietsen. Voor ons was hiermee de kous af.

Het eerste lesuur kregen we gym en dat werd  baseball op het voorterrein van de school. De persoon die de bal over het hek kon slaan, kreeg een ijsje beloofde de heer Krentz, onze gymleraar. Helaas, die ochtend lukte het niemand om de bal over het hek te krijgen. De dag verliep verder zonder bijzonderheden en wij waren het incident van Jan eigenlijk al helemaal vergeten toen de bel om naar huis te gaan ging. We liepen gedrieën naar de fietsenstalling. Onderweg viel ons meteen op dat aan de straatzijde van het hek tientallen Indonesische jongens stonden te wachten. Dat was natuurlijk niet zo best. We besloten toch om de meute tegemoet te treden en geen vrees te tonen. 

Volgens mij hadden we op dat moment geen idee welke risico’s ons buiten het hek wachtten. Halverwege het voorterrein kwam een viertal Indonesische jongens ons al tegemoet. Vlak voor ons bleven ze staan. Een van de jongens had een blauwoog constateerden wij met leedvermaak. ‘Iki jo arek e?’ (is dit die jongen) vroeg de grootste van het viertal in het Javaans aan ‘blauwoog’. ‘Blauwoog’ knikte met een verbeten gezicht. Toen richtte de grootste zich tot ons met de mededeling dat wanneer we het waagden om buiten het hek te komen wij zouden kennismaken met de kracht van de Republiek Indonesia. ‘Terus apa?’(en wat dan nog) provoceerde ik. ‘Nou, dan worden jullie een kopje kleiner gemaakt’, dreigde de grootste in het Indonesisch. Vervolgens keerde het viertal terug naar de meute. 

Nu de omvang van het probleem langzaam tot ons doordrong liepen we terug naar onze klas voor overleg. Zo ver kwamen we niet, want de directeur, de heer Radstaeke, kwam ons tegemoet en vroeg wat er aan de hand was. Wij stelden hem op de hoogte van de situatie en verwachtten eigenlijk een uitbrander te krijgen. Maar nee, Radstaeke zei ons op nadere instructies te wachten. Niet lang daarna kwam inspecteur Bijl, een bekend politiefunctionaris, op school met een politieauto. Wij moesten in de auto plaatsnemen waarna we door de heer Bijl thuis werden gebracht. Onze ouders informeerde hij over het voorval.
De dagen erna werden we voor de zekerheid met de auto gebracht en gehaald. Het incident had voor ons gelukkig geen verdere gevolgen gehad.  

Lees verder…

De naam van het schip

10897283474?profile=originalDe naam van het schip

Elke keer als ik de trap op loop van het hoofdgebouw van Bronbeek naar onze publiekspresentatie 'Verhaal van Indië' sta ik altijd even stil en kijk ik een beetje met weemoed maar gebiologeerd naar de geprojecteerde beelden van de Javazee. De beelden symboliseren de terugkeer per schip naar Nederland  van vele lotgenoten die na de onafhankelijkheidsverklaring van Nederlands Indië naar Nederland al of niet terugkeerden. Heel vaag komen dan mijn herinneren terug aan die reis en dat ik als driejarig jongetje mijn ouders regelmatig tot wanhoop bracht, omdat ik weer eens uit het kinderverblijf was ontsnapt en op speurtocht over het schip zwierf. En elke keer neem ik me voor om nu eens goed uit te gaan zoeken wat de naam van het schip was en wie mijn medepassagiers waren.

Natuurlijk had ik dat later aan mijn ouders moeten vragen, maar over Indië werd er bij ons niet gepraat. Niets hoorde ik van mijn vader over de verschrikkingen en ondraaglijke jaren tijdens zijn dwangarbeid aan de Birmaspoorweg en vertwijfeld vraag ik mij nu af waarom ik er dan ook niet op aangedrongen heb om een meer inhoudelijk antwoord te krijgen als mijn vragen met algemeenheden werden afgedaan. Slechts een keer toen mijn kinderen zich verslikten en een vies gezicht trokken bij het eten van sambal, gaf hij aan dat sambal door de vitamine C zijn leven had gered in het Japanse kamp en dat hij extra sambal verzamelde door het te ruilen tegen zijn Lemmy Caution boekjes.

Wel hoorde ik de mooie verhalen over het mooie huis, het zitten op de porch en de geur van verbrand vlees van de satékarretjes op straat. Het klonk als een paradijs, maar nooit zijn we gezamenlijk terug geweest. Mijn eerste echte kennismaking met mijn geboorteland was pas in 2006, toen ik als Commandant Zeestrijdkrachten voor een 5 daags bezoek was uitgenodigd door mijn counterpart de Chief Navy van de Indonesische Marine. Vreemd genoeg zat ik nooit aan boord van een van onze schepen die toch regelmatig Indonesië aandeden. Hoewel ik eigenlijk alleen een soort geurherkenning had, voelde ik mij er onmiddellijk thuis en nam daarna met open armen de uitnodiging aan om lid van het bestuur van het Indisch Herinneringscentrum te worden.

Met mijn zoektocht naar de naam van het schip word ik binnenkort door het Indisch Herinneringscentrum geholpen, aangezien het bestuur voornemens is in zaal 6 van het 'Verhaal van Indie' een zoekmogelijkheid te plaatsen die het mogelijk maakt om de namen van de schepen en haar opvarende repatrianten op een eenvoudige wijze terug te kunnen vinden. Ik kijk er naar uit!

www.indischherinneringscentrum.nl" width="112" height="167" />
Jan Willem Kelder

Lees verder…

IHC - Stichting Herdenking 15 augustus 1945 en Indisch Herinneringscentrum sluiten convenant

10897280887?profile=originalStichting Herdenking 15 augustus 1945 en Indisch Herinneringscentrum sluiten convenant

Het Indisch Herinneringscentrum(IHC) en de Stichting Herdenking 15 augustus 1945 (Stichting Herdenking) gaan als partners samenwerken bij de invulling van het programma van de Nationale Indiëherdenking op 15 augustus en in een nieuw te ontwikkelen jaarprogrammering van gezamenlijke activiteiten. De Stichting Herdenking en het Indisch Herinneringscentrum willen met deze inhoudelijke samenwerking een breder en jonger publiek aanspreken.

Sinds 1 februari 2014 voert de Stichting Herdenking haar secretariaat vanaf het kantoor van het Indisch Herinneringscentrum op landgoed Bronbeek in Arnhem. De afspraken zijn vastgelegd in een convenant tussen beide partijen. De samenwerking wordt mede mogelijk gemaakt door het Vfonds en de BankGiro Loterij.

Het Indisch Herinneringscentrum, een van de vier nationale herinneringscentra van de Tweede Wereldoorlog, is als professionele organisatie actief op het terrein van herdenken en herinneren van de oorlogsslachtoffers van WO II in Zuidoost-Azië en van het dekolonisatieproces. Met onder meer publieksbijeenkomsten, educatieve activiteiten en – projecten brengt het IHC deze geschiedenis onder de aandacht.
 
De Stichting Herdenking organiseert de jaarlijkse Nationale Herdenking bij het Indisch Monument in Den Haag. Op 15 augustus herdenkt Nederland de capitulatie van Japan, waarmee in 1945 de Tweede Wereldoorlog voor het Koninkrijk der Nederlanden definitief ten einde kwam. Bij de plechtigheid worden alle slachtoffers herdacht van de Japanse onderdrukking in Zuidoost-Azië gedurende de Tweede Wereldoorlog. 

Lees verder…

Indisch Herinneringscentrum krijgt bijzondere leerstoel

Het Indisch Herinneringscentrum vestigt een bijzondere leerstoel Koloniale en postkoloniale literatuur- en cultuurgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam (UvA) in de Faculteit der Geesteswetenschappen. 
De bijzondere leerstoel richt zich op de postkoloniale herinneringscultuur in de naoorlogse periode. Het accent ligt op de dynamiek van de herinnering en de invloed hierop van migratie, repatriëring en globalisering. Onderzoek en onderwijs moeten bijdragen aan een beter begrip van de betekenis van het koloniale verleden voor de samenleving van vandaag en morgen.

De invulling van de bijzondere leerstoel sluit aan bij het doel van de initiatiefnemer. Het Indisch Herinneringscentrum wil de herinnering levend houden aan de gebeurtenissen tijdens en na de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië en aan de gevolgen daarvan voor de Indische gemeenschap. Om niet te vergeten. En om actuele gebeurtenissen, ontwikkelingen en personen beter te kunnen begrijpen.

De werving van een bijzonder hoogleraar voor deze leerstoel is inmiddels gestart. Deze wordt benoemd voor een periode van vijf jaar. Meer informatie over de vacature is te vinden op de website van de UvA.

http://www.uva.nl/over-de-uva/werken-bij-de-uva/vacatures/item/14-0...

Lees verder…

wereldexpress.nl is online

10897282495?profile=originalwereldexpress.nl is online

Wereldexpress.nl is beschikbaar met daarop alle informatie over de nieuwe, reizende tentoonstelling van het Indisch Herinneringscentrum. De buitenkant is inmiddels klaar. De werkzaamheden voor de binnenkant zijn in volle gang. Opwww.wereldexpress.nl laat het Indisch Herinneringscentrum de voortgang in woord en beeld zien. Op de eerste foto's (door Viny Touch) is te zien hoe er van een bestaande trailer een nieuwe buitenkant wordt gemaakt.

Vorige week heeft de Wereld Express zijn eerste ritje over de weg gemaakt. Bekijk hierde korte roadmovie (45 sec., door Laura Hospes) die daarvan is gemaakt.

De Wereld Express is een interactieve tentoonstelling over anders-zijn en jezelf zijn anno nu tegen de achtergrond van de Indische geschiedenis. Het Indisch Herinneringscentrum ontwikkelt de Wereld Express in samenwerking met de Stichting Vredeseducatie Utrecht, Hayo van Gemerden Vormgeving en Productie en reclamebureau Reprovinci.

Dit project komt tot stand met financiële steun van het Nationaal Comité 4 en 5 mei, het vfonds, het SNS REAAL Fonds en het VSBfonds.

10897282883?profile=original

Lees verder…

10897278852?profile=original

Binnenkort komt ons boek uit - geen Indisch boek, gewoon een kijkje in mijn leven 1989 - 1999 met bizarre onthullingen! 


Ellen Hauwert, Henk Harcksen, Lizzy Hardy en Astrid, mijn vrouw, inspireerden mij  -   maar in het bijzonder mijn dochter Avril Lorraine die veel te vroeg heen is gegaan  op haar 45 ste. Zij was het die Mischa aan ons gaf.  - om toch dit boek uit te brengen dat al vanaf 2000 stoffig aan het worden was in de boekenkast van mijn werkkamer.  

Hoe belangrijk de viervoeter is voor ons, dat blijkt wel weer:
Bill en Hillary Clinton, Barack Obama en First lady, prinses Beatrix en Poetin hebben ook zo’n viervoeter die hen als spindoctor, adviseur en vertrouweling bijstaat. Zij weer als een Martin Gaus hun viervoeter willen vertroetelen of als hun eigen kind. 

Politicus Jan Ter Louw is ons reeds voorgegaan met uitbrengen van het boek over zijn viervoeter, ergens na 2001, maar ons manuscript lag er eerder.

Uit ons leven gegrepen en  speelde zich af de periode  1989 – 1999, en

als bevoorrecht mens dit te mogen meemaken.

Het moment dat de wereld aan de vooravond stond van grote innovatieve veranderingen (hervormingen) met een dynamiek van turbulente ontwikkelingen, die mondiale wereldse afstanden overbruggen en doen veranderen, niets is vergankelijker dan deze veranderingen. De voorbode van de globalisering, millennium, de Euro en de  creatieve boekhouding - mallisfestaties  met cijfers-  die tot de kredietcrisis leiden.

Met vele onthullingen en een kijkje in ons leven.

Blikken wij met veel genoegen terug op dit leven, en de vele ontmoetingen van beroemdheden en belangrijke mensen dat al begon in mijn jonge leven met o.a. de  beide presidenten van de republiek Indonesia Soekarno en Soeharto. De laatst genoemde zelfs thuis in Voorburg. Uiteraard laten wij die ontmoetingen de revue passeren. 

Deze confrontaties gingen verder in mijn carrière / mijn bedrijfsontwikkelingen; Serge en Marcel Dassault die een belangrijk rol speelde voor het Nederlandse bankwezen. Later bij de Internationale ontwikkelingen van onze onderneming waar de Multinationals als onze klanten konden beschouwen o.a.: Heineken, HoogovensGroep, Cocal Cola, Nikon, AG (Locheed Comapny) en de vele andere Geo 's die wij assisteren bij de Internationale implementaties zodat deze wereldwijd in staat waren hun vestigingen te beheren / te controleren, die zich in Amsterdam en Amstelveen vestigden.  Bill Gates niet te vergeten op Scala Group Conferentie in Nacka (zweden)  die persoonlijk de hand schudde. 


Dit boek is opgedragen aan Mischa. Mischa is een viervoeter, werd op 8 februari 1989 aan de boulevard geboren in een appartement in Harderwijk. Mischa kwam onverwachts op ons pad via mijn overleden dochter Avril Lorraine, R.I.P. 18-10-1968 / 11-12-2013. Haar  hond Sharon kreeg een pup die later Mischa werd vernoemd.

 

De leeswijzer.

Om u als lezer niet in verwarring te brengen kent het boek drie verhaallijnen die door elkaar heen lopen. Om die verhalen weer op chronisch volgorde te plaatsen wordt die verbinding gelegd door de figuur  Mischa,  onze viervoeter.

Mischa legt de verbindingen naar  - en in wisselwerking met gebeurtenissen in ons dagelijks leven. Het leven  waar privé leven en werk aan de orde komt.  Het werk weer die unieke momenten kent, en soms naar de unieke momenten worden teruggeblikt. De afbeeldingen en foto’s  weer leiden een eigen leven wel in de tijdgeest die zich toen afspeelde.  

Met de cursieve tekst wordt er uitstapjes (flashbacks) gemaakt met de gebeurtenissen die vaak om de bedrijfsactiviteiten gaat in relatie tot ontwikkelingen die zich toen de samenleving afspeelden van Astrid en mij, er wordt zelfs teruggeblikt naar die hoogtepunten in 1980.

Uiteraard laat ik U niet in het ongewisse daarom de Epiloog, waar Mr. Google van het Internet een kijkje geeft wat er nu anno 2014 allemaal van deze zaken en ontwikkelingen zijn geworden.

Wij wensen  U veel lees – en kijk plezier toe.

U kunt zich nu al intekenen via schwab.hardy@kabelfoon.nl 

Het boek omvat 400 pagina's met vele foto's en afbeeldingen ;  De uitgever bepaald de prijs. Gezien de omvang van het boek zijn de verzendkosten bekend € 6,75.     Het boek komt uit rond 21 april  uit en is te bestellen bij mij uitgever www.Calbona.nl of via bestel@icm-online.nl

 

 

Lees verder…
10897232476?profile=originalEen jaar na 19 maart 2013
(van Silfraire Delhaye, voorzitter het IP).

Morgen 19 maart is het een jaar geleden dat het Indisch Platform de Stille Tocht heeft gelopen met circa 500 sympathisanten. Na de Stille Tocht vond er een besloten zit
ting plaats met de Vaste Kamercommissie VWS, waarin de Petitie werd overhandigd aan de voorzitter, mevrouw Neppérus.
Een jaar is voorbij gegaan en de vraag komt, heel begrijpelijk op, of sindsdien niets bereikt is. Na 19 maart 2013 hebben verkennende gesprekken en afstemmingen plaats gevonden tussen de staatssecretaris van Rijn VWS en de IP - Delegatie over de Indische Kwestie. In mijn diverse reacties op vragen, heb ik steeds gesteld dat de staatssecretaris de Indische Kwestie serieus oppakt, maar zeer behoedzaam te werk moet gaan. Immers, het Kabinet Balkenende 4 heeft deze kwestie afgewezen en op 30 juni 2011, werd op twee stemmen na, de motie Dijkstra in de Tweede Kamer verworpen. De wijze waarop de heer van Rijn de Indische Kwestie na 19 maart 2013 oppakt komt mogelijk over als “aan het lijntje houden”, omdat behandeling in de Tweede Kamer steeds vooruit wordt geschoven ( zie Veegbrief aan de Tweede Kamer van 20 december 2013).

Als voorzitter van het IP en van de IP-Delegatie weet ik waar de heer van Rijn mee bezig is. MAAR om geen verwachtingen te wekken heb ik steeds en alleen gesteld : …”so far so good”… Immers zo lang het Kabinet nog geen groen licht heeft gegeven en de Tweede Kamer haar goedkeuring, bestaat altijd een kans dat de Indische Kwestie niet wordt gehonoreerd. Het politieke klimaat ( het meerderheidsvraagstuk van het Kabinet in de Eerste Kamer) alsmede de financiële positie van BV – Nederland, dwingen de staatssecretaris tot behoedzaam manoeuvreren. De Indische Kwestie is een complexe zaak geworden. Juridisch heeft de Hoge Raad al arrest gewezen in de 50-er jaren. Het gaat ook niet om slechts een paar Eurootjes en ook in juridische zin is de Indische Kwestie complex. Ziehier de contouren die de staatssecretaris van Rijn dwingen om te acteren, rekening houdend met de heersende politieke problemen. Ik blijf “mijn vinger op de pols houden” van de staatssecretaris, maar ik wil de heer van Rijn ook niet voor de voeten lopen. Hopelijk komt er binnenkort een reactie van het Kabinet. So far so good!
Wat de kwestie van de Indische verzekeringspolissen betreft, wat vandaag in diverse kranten is verschenen. Ik ben op de hoogte dat Griselda Molemans dit onderwerp onderzoekt. Ondanks het gegeven dat reeds in 2001 de commissie van Galen zich over deze kwestie heeft gebogen en hierover heeft gerapporteerd. Dit was voor het IP toen ( in 2001) aanleiding om dit onderwerp te laten rusten. Omdat Griselda Molemans in 2013 werd benaderd door het VBV om dit vraagstuk uit te pluizen, heb ik voorshands het IP geadviseerd geen actie te ondernemen om Griselda Molemans niet voor de voeten te lopen.
Ik sluit dit af met een uitspraak van Louis Couperus.
  10897280479?profile=original
Lees verder…

Verborgen kamers in Gunung Padang

10897276290?profile=originalVerborgen kamers in Gunung Padang

Langzaam maar zeker wordt het mysterie van de ca. 13.000 jaar oude piramide in Gunung Padang in het regentschap Cianjur op Java ontrafeld. Wetenschappers hebben bewijs gevonden dat de piramide-vormige berg door mensen is gemaakt. Uit radarbeelden is gebleken dat de berg openingen bevat, die op ingangen naar heilgdommen lijken. Dit zou betekenen dat deze piramide ouder is dan de pitamiden in Egypte.

De Nederlandse Oudheidkundige Dienst maakte voor het eerst melding van de megalithische vindplaats in 1914. De historicus N.J. Krom maakt er in 1949 opnieuw melding van. Gunung Padang ligt op 885 meter boven zeeniveau en bestaat voornamelijk uit ommuurde terrassen. Er liggen enorme rechthoekige rotsblokken. De lokale bewoners geloven dat Gunung Padang het resultaat is van een poging van de legendarische koning Siliwangi om binnen één dag een paleis te bouwen.

Gunung Padang gezien vanuit het noorden

Grote kamers

Eerder onderzoek wees uit dat de piramide 4.700 tot 10.000 jaar voor Christus gebouwd moest zijn. Artefacten die vanuit een diepte van 8 tot 10 meter uit de piramide zijn gehaald, dateerde men echter op tenminste 12.500 jaar. Met behulp van Grond Penetrerende Radar (GPR)  of bodemradar is onthuld dat zich op een diepte van 15 tot 20 meter grote holle ruimten bevonden. De totale vindplaats beslaat een oppervlakte van 25 hectare en bevat meer dan 100 stenen terrassen. De muren vertonen opvallend veel overeen-komsten met die in het Peruaanse Machu Picchu.

Gudung Padang werd het gesprek van de dag toen een onderzoeksteam een breuklijn op enkele kilometers ten noorden van de vindplaats bestudeerde. Dit team was samengesteld door het hoofd van de rampenbestrijding Andi Arief. In 2013 deed het geruchtde ronde dat er onder Gunang Padang een soort piramide was gevonden. “Op het eerste gezicht lijkt het niet op een natuurlijke berg, maar op een door mensen gemaakt bouwwerk”, aldus Arief.

Niet uniek

Vanuit het noorden bekeken, waar het team werkzaam was, vormt de berg een welhaast perfecte driehoek. Het onderzoeksteam ontdekte al eerder soortgelijke vormen bij Gunung Sadahurip nabij Garut en bij Bukit Dago Pakar bij Bandung, toen ze er een

GPR metingen onthullen de ware vorm van Gunung Padang

andere breuklijk onderzochten. Aries: “Of je het nu een berg of een piramide wilt noemen, feit blijft dat er ondergrondse ruimten zijn gelokaliseerd en dieruimten lijken te regelmatig te zijn om door te gaan voor natuurlijke verschijnselen”. Arief liet weten dat het werk van zijn team bij Gunung Padang er bijna op zit. Zij team zal er geen opgravingen verrichten, omdat hij daar geen budget voor heeft.

______________________

 

Lees verder…

Specerijen van Indonesië: Muskaatnoot en Foelie

10897279452?profile=originalSpecerijen van Indonesië:  Muskaatnoot en Foelie

De muskaatnoot is een vrucht die groeit aan de muskaatboom (Myristica Fragrans). De muskaat-noot is ovaal van vorm en ongeveer 2,5 cm lang. De noot is zeer hard en daarom uitsluitend in geraspte vorm (nootmuskaat) te gebruiken. In de levensmiddelen-industrie gebruikt men liever de muskaatolie dan het poeder. De olie houdt haar smaak langer vast (ook bij hoge temperaturen). Foelie is eveneens afkomstig van de muskaatboom en is in feite de gedroogde zaadmantel (vlies) van de   muskaatnoot.  Op  de   eerste 

Vruchtvlees en om de noot de rode zaadrok (foelie) en de zwarte schil die niet wordt gebruikt.

foto (hiernaast) zijn duidelijk de verschillende verschijningsstadia van de muskaatnoot te zien. Het vlies van de muskaatnoot verliest bij het drogen zijn dieprode kleur.

Nootmuskaat en foelie waren al in de Middeleeuwen in Europa erg gewild. Zij dienden als smaak-versterker en werd toen ook ingezet als medicatie bij diarree, waterzucht, huiduitslag en slechte adem. De muskaatboom is een altijd groene boom en er zijn mannelijke en vrouwelijke bomen, waarbij deze laatste de vruchten draagt. De vruchten worden met lange stokken met haken uit de bomen getrokken en daarna van vruchtvlees en foelie ontdaan. De foelie wordt hierbij afzonderlijk gedroogd. De noten worden vervolgens in de dop gerookt en tenslotte gedroogd. Na zes weken worden ze uit de dop geklopt en gesorteerd. Tenslotte worden ze gekalkt om de noten tegen insecten te beschermen en om eventueel kiemen tegen te gaan. De foelie wordt, nadat deze is gedoogd, gewalst en gesorteerd.

Illustratie uit Amboinsche Kruidboek door G.E. Rumphius, Amsterdam 1741. Boek II, tabula IV.

Omstreeks het jaar 1600 werd   de muskaatboom voornamelijk op de Banda eilanden aangetroffen; eigenlijk een zeer klein gebied, in grootte vergelijkbaar met onze Waddeneilanden. Nootmuskaat en foelie behoren tot de zogenaamde “fijne specerijen”, die hoog op de verlanglijst van de VOC stonden. Met lokale stamhoofden werden exclusieve leveringscontracten afgesloten, waarmee geprobeerd werd om de concurrentie een spaak in het wiel te steken. Toen dat mislukte, werd de levering met geweld afgedwongen. In 1621 waren alle Banda eilanden veroverd    en    was    de    lokale

10897279491?profile=originalVrucht van de muskaatboom

bevolking gedood door gevechts-handelingen, geëxecuteerd, door honger omgekomen, verbannen of gevlucht. De productie van de muskaat werd daarna opnieuw opgestart. Het met muskaat-bomen begroeide maar ontvolkte gebied werd in zogenaamde “perken” verdeeld en in erfpacht gegeven aan particulieren, die perkeniers werden genoemd. Zij mochten de noten en de foelie uitsluitend aan de VOC leveren. De perken werden onderhouden door “perkhorigen” die als slaven geronseld werden uit alle delen van Zuidoost-Azië. Om de prijs te beheersen en kunstmatig hoog te houden, werden op alle eilanden buiten Banda de muskaatbomen gekapt. Hierdoor was wereldwijd een monopolie gerealiseerd.

Nootmuskaat wordt traditioneel gebruikt bij het kruiden van groenten, zoals sperziebonen, bloemkool, spruiten of asperges. Tevens wordt het gebruikt in het kruidenmengsel dat gebruikt wordt om koek en gebak en met name speculaas z’n smaak te geven. En hele kleine hoeveelheid is dan reeds voldoende omdat nootmuskaat een zeer sterk overheersende specerij is.

Vroeger werd nootmuskaat beschouwd als een middel dat spontane abortus teweeg kon brengen, maar bij normaal gebruik in de keuken is het absoluut veilig. Wel is het aan te raden om gebruik tijdens zwangerschap zoveel mogelijk te matigen, aangezien het bij royaal gebruik de prostaglandine-productie remt en bovendien een hallucinogeen bevat dat bij gebruik in grote hoeveelheden de foetus mogelijk schade kan toebrengen (Wikipedia).

Foelie wordt in de Nederlandse keuken vooral gebruikt bij het stoven van vlees (rund en lam) en in tal van soepen. Ook in kruiden-mengsels zoals bijvoorbeeld voor speculaas vindt foelie toepassing. In Duitsland en Frankrijk wordt foelie voornamelijk gebruikt voor het kruiden van diverse soorten worst. Ook wordt het in allerlei kruidenbitters en likeuren gebruikt als smaakmaker. Het is tevens een belangrijke specerij bij het maken van Bisschopswijn en Glühwein. Foelie bevat de stoffen safrol en methyleugenol. Uit dier-proeven is gebleken dat deze stoffen in hoge concentraties  kankerverwekkend kunnen zijn. Echter bij matig gebruik is nog niet gebleken dat dit ook bij mensen het geval is (Wikipedia).

10897280053?profile=originalMuskaatnoot met zaadrok, gedroogd en gedroogde foelie.

In de 17e en 18e eeuw was de productie van muskaatnoten en foelie redelijk stabiel, omdat goede en slechte oogsten elkaar met enige regelmaat afwisselden. De VOC hoefde dus geen productie beperkende maatregelen te nemen. De gemiddelde productie per jaar bedroeg 0,5 miljoen pond muskaatnoten en 0,15 miljoen pond foelie. De noten werden in Europa verhandeld voor bijna 5 gulden per pond en de foelie   voor een bedrag van bijna 7 gulden per pond. De inkoop was respectievelijk 5 cent en 40 cent.

In  het  aprilnummer de laatste in deze artikelenserie: kaneel.

Bronnen: het VOC Kenniscentrum, KITLV en Wikipedia.

Lees verder…

10897271072?profile=originalIndo Rock ons cultureel paradepaardje? (4)    door:  Albert van Prehn

In de drie eerste epistels die ik voor NICC Magazine geschreven heb over onze muziek, die hier te lande de naam Indo Rock kreeg en wat in de loop der jaren als een betiteling geaccepteerd werd, probeer ik nu te achterhalen wat het was, dat de muziek als onzichtbare bagage met ons werd meegenomen. Onze ouders en voorouders hadden thuis (althans bij velen) altijd al een muziek-instrument  en dat was in veel gevallen een piano. Maar ook de gitaar en andere instrumenten waren populair.

In de jaren ’30, ’40 en ’50 was   de Indische gemeenschap in Indonesië er één waar voor muziek een belangrijke plaats was weggelegd. De meesten hadden een ouderwetse grammofoon of er werden groepjes gevormd die gewoon met elkaar muziek maakten en vaak op huisfuifjes speelden. Er waren ook radio’s die verbinding legden met Nederland en waar natuurlijk ook veel westerse zenders op werden beluisterd. Met name de Amerikaanse muziek en de cultuur die daaraan verbonden was, was binnen die kleine Indische gemeenschap en dan bedoel ik daarmee de plaats en omvang die wij innamen tussen de autochtone bevolking. Deze laatste had ook zijn eigen cultuur, waarin de muziekbeleving eveneens een erg belangrijke factor was. Wie kent niet de Gamelan, Krontjong (die overigens door Portugese FADO was beïnvloed en doorklinkt in de muziek van de Indo’s bij hun latere beoefening van de westerse stijlen.

De westerse muziek was van de kolonialen en hun nazaten; daarnaast hadden de Indonesiërs zelf hun eigen muziekcultuur en de vele stammen en etnische groepen binnen de Indonesische Archipel hadden zelf een hele eigen wijze van muziekbelevenis. Zelfs de Indonesische jeugd werd beïnvloed door de Amerikaanse muziek van de 50er jaren, de Rock & Roll. Ik herinner mij nog dat ik mijn Indonesische vriendjes betrapte op het zingen van liedjes van Elvis Presley, Ricky Nelson, Pat Boon en meer van die artiesten. Toch overheerste de typisch Indonesische muziek in de laatste jaren dat ik er was de andere op de radiozenders. En er ontstonden composities die een mengeling waren van westerse en Indonesische muziek, zoals de vele liedjes die wij nu kennen. Voorbeelden hiervan zijn onder andere: Sepanjang Jalan, papaja, manga pisang jambu en ik weet nog dat PAK Basri (een bekende radio-artiest) met zulke liedjes kwam.

Typisch Indonesische muziek die niet echt bij ons begrepen werd, was opeens toegankelijker door de beïnvloeding van de westerse stijlen, zoals cha cha cha’s, walsen en balads. Het is ook helemaal geen wonder dat die vermenging de Indische gemeenschap door alle stromingen heen heeft gevormd en een eigen identiteit gegeven. Dit heeft geleid tot wat wij hier in Nederland noemen als de “onzichtbare bagage” die wij hebben meegenomen. Beluister je de diverse interpretaties van de bekende bands, dan herken je in grote lijnen die beïnvloeding terug. Natuurlijk was de Indonesische beïnvloeding, wat per slot van rekening ook een deel van ons is, hier ook in aanwezig.

Wat was het waardoor die muziek zo plotseling hier tot bloei kwam en was van zo’n grote invloed    op de ontwikkeling van onze jeugdigen? Onze ouders en voorouders hadden ervoor gezorgd dat wij met muziek werden opgevoed. Het hoorde bij de gezinscultuur. Mijn ouders hadden al een rijk sociaal uitgaansleven met party’s en de daarbij behorende bands en muzikanten. Groepjes en artiesten en voorstellingen van voor de oorlog en de beelden die je van het Amerika van de jaren ’30, ’40 en ’50 ziet als oude nostalgische filmpjes, lijken verdomd veel op die waar mijn ouders het nog over hadden uit hun jeugdjaren.

10897271658?profile=originalMuzikant en gitaarbouwer Les Paul

De komst van de Rock & Roll was een belevenis in de tijd van mijn oudere zuster en ook van mij. Bill Hailey met zijn “Rock around the clock” veranderde de generatie tieners tot een generatie van petticoats, coca cola, bubble gum, jeans en pumps. Nog meer veramerikaanst dan ze al waren. Voor die tijd, toen ik amper twee of drie jaar was, klonken Paty Page, Doris Day, Perry Como, Bing Crosby, Frank Sinatra, Tennessee Erney Ford, Nat King Cole, Les Paul en Mary Ford de hele dag door uit de luidsprekers van de radio’s bij ons thuis. De gitaarmerken Gibson, Fender, Washburn, hadden wij in Indonesië al eind jaren ’40 en ’50, dus ook dat was een belangrijk element dat voor de muziekscene hier belangrijk was. We kenden het daar al, lang voor de eerste Fender hier in Nederland z’n intrede deed in de 60er jaren. Het merk Gibson werd al gebruikt op de huisfuifjes van mijn ouders.

Het was niet zozeer de muziekstijl die wij hier mee naar toe namen als onzichtbare bagage, maar veeleer de cultuur waarin die muziek zo’n belangrijke plaats had. Ook speelde zeker mee     dat de heimwee naar Indië er onlosmakelijk mee te maken had en dat er hoe dab ook gewoon weer muziek gemaakt moest worden om dat “tempo doeloe” gevoel voeding te geven als een herbeleving van tijden van zorgeloosheid, jeugdsentiment en het sociale gevoel in Indië. Vooral om met name een balans te vinden tussen de eigen cultuur en die van de Nederlanders hier, waarveel minder belangstelling was om binnen de familiekring ontspanning in muziek te zoeken.

10897271884?profile=originalOude Washburn gitaar in koffer

Het leven in Nederland richtte zich meer op werken en het leven binnenshuis. Sociale contacten waren niet iets dat algemeen gangbaar was. Dit werd door ons Indische mensen met een gastvrij en warmbloedig temperament vaak als kil ervaren. De muziek was er al voordat wij onze eerste stappen in dit kille land zetten; opgesloten in onze harten. Het kon dan ook niet uitblijven dat het zich uitte in beoefening en van daaruit naar buiten komen vanuit onze pensions en huiskamers. Niet de zogenoemde Indo Rock was de oorzaak van de muzikale ontwikkeling hier, maar het was het sociale leven uit de Gordel van Smaragd die zijn voortzetting hier zocht in een andere tijd. De tijd van de immigratie en van gedwongen verhuizing met het achterlaten van heel veel.

Heel veel materiële zaken bleven achter, maar niet onze cultuur,  die zich door geen grens liet tegenhouden. Onze muziek is mee hier naartoe genomen vanuit een verlangen naar herbeleving en heimwee. Een herkenbaar maar onzichtbaar stuk erfgoed als bagage, meegesmokkeld in onze harten om ook hier te beleven wat onze Indische gemeenschap daar heeft laten ontstaan.  

______________________     

Lees verder…

10897272076?profile=originalInterview met Joty ter Kulve                           door:  Nadia L. Hasan en Ifa Chaeron

Als het gaat om Indonesië-Nederland relaties, is er een prominent figuur die we niet mogen vergeten te noemen: ibu Joty ter Kulve. Haar bijdrage in het bevorderen van de banden tussen de twee landen is enorm: het oprichten van de “Indonesia – Nederland Society” (INS), het funden van geld voor het bouwen van een “vriendschapsboot” (zie artikel in het januari-nummer van NICC) voor het Banda-Hoorn initiatief en het opzetten van      de stichting “Vrienden van Linggadjati”, zijn slechts een paar voorbeelden. Momenteel is ze bezig met het publiceren van de persoonlijke brieven van Sutan Sjahrir (één van de oprichters van Indonesië).

Haar sterke binding met Indonesië is aanleiding om deze inspirerende Indische dame te interviewen. Wij bezochten Joty in haar mooie appartement in Wassenaar en we werden meteen ontvangen door haar warme, energieke en vooral humoristische persoonlijkheid. Op 86 jarige leeftijd is ze nog steeds heel erg gehecht aan haar computer, waarop zij al haar correspondenties bijhoudt, door middel van het schrijven van e-mails, surfen op het internet en het schrijven van artikelen over Indonesië.

Haar liefde voor Indonesië gaat terug naar de tijd dat ze haar kinderjaren doorbracht in het bergdorp Linggadjati. Het huis waar ze opgroeide, dat nu een museum is, speelde een evidente rol in het onafhankelijkheidsproces van Indonesië. Daar werd namelijk in 1946 de overeenkomst van Linggadjati gesloten. Dit was voor Joty de aanleiding om in 2002 de Stichting Vrienden van Linggadjati op te richten, evenals vele andere Indonesië – Nederland initiatieven. In 2012 is zij daarvoor onderscheiden met de Indonesia-Nederland Award, welke zij terecht ten volle heeft verdiend. In dit interview opent Joty het verleden, het heden en wat zij hoopt dat de toekomst nog zal brengen in de betrekkingen tussen Indonesië en Nederland.

Voor  gemiddelde Indonesiërs is de historische plaats, die vandaag de dag bekend staat als “Gedung Perundingan Linggadjati”, voor u en uw familie een thuis geweest. Kunt u ons vertellen hoe uw ouders het huis in eerste instantie hebben verkregen; en hoe zag het leven er toen uit?

10897272296?profile=originalOp 21 jarige leeftijd kwam mijn vader naar Indonesië als officier in het Nederlandse leger. Hij ontmoette mijn Indische moeder, trouwde haar en ze kregen twee dochters en een zoon. Ik was het middelste kind. Net na mijn geboorte ontdekte hij Cirebon en hij zag de mogelijkheid om een cement- en tegelfabriek op te richten. Daarnaast dacht hij dat het de perfecte plaats was waar zijn gezin kon opgroeien. We woonden toen nog in Semarang. In die tijd woonden er nog geen Nederlanders in Linggadjati en waren er nog geen scholen. We verhuisden toen in drie was. Na een tijdje kwamen er meer Nederlanders wonen en werd er uiteindelijk een klein schooltje voor de ca. 20 kinderen gebouwd. Mijn vader overleed helaas heel jong op 37 jarige leeftijd in 1934 (ik was toen zes). Mijn moeder, die 31 jaar was, moest ons drieën in haar eentje grootbrengen en tegelijkertijd de fabriek in Cirebon beheren.

De Tweede Wereldoorlog brak aan en de Japanse bezetting van Nederlands-Indië was een feit. Dit terwijl u en uw familie in dat huis woonden. Samen met andere Nederlandse gezinnen werden u en uw familie naar concentratie-kampen gestuurd. Kunt u deze tragedie en de gebeurtenissen die plaatsvonden beschrijven?

We luisterden dagelijks naar het nieuws via de radio, maar als kind lette ik daar niet zo op, dus de Japanse bezetting kwam voor mij als een complete verrassing. Ik herinner mij dat mijn zus en ik (ik was toen 14 en mijn zus 17) naar ons zwembad (een kalong) waar ook vissen en slangen zwommen, liepen. Op de weg zagen we veel motoren met Japanse mannen in uniformen en met helmen op. Dat was onze eerste wetenschap dat de Japanners kwamen. We renden meteen naar huis en vertelden wat we zagen: “Ze zijn hier mama, ze zijn hier…!”. Zelfs als ik er nu nog aan denk, was het een heel raar gevoel en heel erg bedreigend, natuurlijk. Wij (Nederlandse en Indische gezinnen) werden in vrachtwagens vervoerd naar een huis dat werd omringd door draden, waar voorheen een familie woonde. We moesten het huis delen met ongeveer 90 andere mensen! Er werd ons verteld dat we alleen wat kleren en een matras mochten meenemen en niets anders. Er werd geen verdere informatie gegeven. In het begin kregen we geen water of eten. We aten tapiocabrood en tapiocapap in de avond. Mijn familie (mijn moeder, grootouders en zus)  leefde in een zeer kleine ruimte. Omdat mijn grootouders meer Indonesisch bloed hadden, hoefden ze in eerste instantie niet mee naar de kampen. Maar mijn grootmoeder wilde met ons mee het kamp in. Mijn grootvader vertelde ons vanaf het begin dat hij zou sterven in het concentratiekamp. Niemand wilde hem verzorgen. Hij lag in dezelfde kamer waarin ook wij verbleven. Mijn oma en ik probeerden hem een beetje schoon te houden, totdat hij uiteindelijk inderdaad in het kamp stierf en buiten het kamp werd begraven. Wij mochten niet mee naar zijn begrafenis. In de tussentijd namen de Japanners ons huis in Linggadjati in beslag en maakten er een hotel van.

10897272865?profile=originalJoty ter Kulve in haar jonge jaren

Toen u 18 jaar oud was ging u voor uw studie naar Nederland, waar uw broertje al aan het studeren was. Hoe hebt u uw nieuwe leven in Nederland ervaren?

Weet je, het was oorlog, het was tijdens de Bersiap periode toen ik klaar was met school aan het eind van 1946. Veel Nederlandse meisjes waren al naar Nederland vertrokken met de boot. Op een dag zei ik tegen mijn moeder dat ik naar Nederland wilde gaan. Dus heb ik dat gedaan. Ik benaderde een kapitein van een van de schepen en vroeg hem of ze mensen nodig hadden aan boord om te werken. Hij zei dat ik mee kon varen en voor hem kon werken.

Alles was nieuw voor mij en ik kende niemand toen ik aankwam in Nederland. Iedereen die mee was gegaan met de boot hadden duidelijke adressen en familieleden die ze kwamen ophalen. Ik had alleen het adres van mijn broer Willem (die 3 jaar jonger dan ik was), die in Utrecht studeerde. Maar ik was slecht voorbereid, ik sprak met niemand. Ik herinnerde me dat ik een bus nam van Amsterdam naar Utrecht. De buschauffeur had tot drie keer toe geprobeerd om het adres van mijn broer te vinden. Bij de laatste poging was het uiteindelijk gelukt om het adres te vinden.

Mijn broer woonde in slechte omstandigheden. Ik belde de hospita en vertelde haar dat mijn broer daar woonde. Ze vertelde me dat mijn broer in Londen op vakantie was. Ik smeekte haar om mij daar te laten verblijven voor een paar dagen totdat ik heb uitgezocht wat mijn plannen waren. Ze ging akkoord. Het is nogal een lang verhaal, maar het is geweldig als ik terugkijk, ik wist dat er een God was. Het was als een wonder. Ik kreeg zelfs een beurs om te studeren in Utrecht.

Uw broer Willem en u hebben de Stichting Vrienden van Linggadjati opgericht. Hoe is het begonnen en wat wilde u daarmee bereiken?

In 2002 bezocht mijn broer, die toen een bekende gynaecoloog was, mij en vroeg mij om mijn hulp. Hij vertelde me over ons huis in Linggadjati en dat het is uitgegroeid tot een museum genaamd Gedung Perundingan. Zijn liefde voor Indonesië was zo groot dat hij de intentie had om een stichting op te zetten die de banden tussen Indonesië en Nederland kan overbruggen. En dus hebben wij de Stichting de Vrienden van Linggadjati opgericht.

10897272891?profile=originalOns huis in Linggadjati

De Linggadjati overeenkomst is een symbool van wederzijds respect door middel van diplomatie tussen de twee naties. Het is belangrijk dat de Indonesische mensen en ook de Nederlandse mensen het erkennen. Via deze stichting willen we respect en erkenning tussen Indonesië en Nederland verder opbouwen. Ons doel is om het imago van Indonesië te veranderen binnen de Nederlandse samenleving. Ze moeten eraan herinnerd worden dat Indonesië niet langer het Nederlands-Indië is, maar een heel nieuw land     dat behoort tot  de G20,           een samenwerkingsforum met betrekking tot het internationale financiële systeem. In 2011 werd de Indonesië Nederland Society opgericht omdat we een grotere organisatie nodig hadden.

Hoe ziet u de Nederland-Indonesië relatie vandaag, in het algemeen?

Om je de waarheid te zeggen, denk ik dat Nederland niet zo belangrijk meer is voor Indonesië. Indonesië is geïnteresseerd in Nederland vanwege Rotterdam en Schiphol, bijvoorbeeld. Ik denk dat Indonesië over het algemeen geïnteresseerd is in de manier waarop we geleerd hebben om onze waterhuishouding te beheren. De dijken. Je hebt dijken nodig in Jakarta en Semarang bijvoorbeeld.

En ik vind het fantastisch wat er allemaal gebeurt in Indonesië vandaag. Ik heb Indonesië meegemaakt toen er nog geen elektriciteit en watervoorzieningen waren. Nu is het vol met wolkenkrabbers en vele andere uitbreidingen die ik ook buiten Java zie. Natuurlijk is Indonesië immens groot dat je gemakkelijk zou kunnen denken: “Hoe verdorie ga je dit alles regeren?” Ik denk dat Indonesië het gaat maken, want de democratie is erg belangrijk. En moraal. Helaas is er overal corruptie, ook in Europa en de Verenigde Staten. Zelfs in moderne tijden moeten we opnieuw leren over moraal. We hebben dit nodig om vooruit te komen.

10897273654?profile=originalEigendomsakte van het huis in Linggadjati

Wat is uw boodschap aan de jongere generatie Indonesiërs en Nederlanders?

Wat ik persoonlijk echt heel belangrijk vind voor jongeren is om bewustzijn en respect voor elkaar te creëren. Bewustzijn over jezelf, om eerlijk te zijn over jezelf. Als je leert om jezelf te zien op een eerlijke manier zul je uiteindelijk andere mensen op een eerlijke en respectvolle manier zien. Je kunt dan zien wat ze echt willen. Een ander belangrijk punt is om te leren luisteren. We zijn vergeten hoe we echt moeten luisteren, omdat we zo afgeleid zijn door de hele dag onze oortelefoons en mobiele telefoon te gebruiken. De overeenkomst van Linggadjati kwam tot stand omdat de Nederlanders en de Indonesiërs naar elkaar wilden luisteren. Ik wil er alleen maar op wijzen dat we moeten leren van de overeenkomst van Linggadjati. Linggadjati is symbolisch erg belangrijk, omdat het het belang van diplomatie benadrukt.

Maar ik denk dat als je dat gaat uitleggen aan jonge mensen dan zouden ze dat wel begrijpen. Alle jongeren willen een toekomst hebben. En er zijn jonge (Indonesische en Nederlandse) mensen vandaag die proberen om een verschil te maken in het bevorderen van de Indonesisch-Nederlandse betrekkingen.

Bron:  www.belindomag.nl    Foto’s:  privéarchief Joty ter Kulve

______________________

Lees verder…

Leef je droom door: René Meijer

10897270460?profile=originalLeef je droom                          door: René Meijer

Vorige maand schreef ik over mijn drummende zoon Robbie met wie ik nu al een aantal keren heb opgetreden. Voor ons allebei van ongelofelijke waarde, ik besef het al en hij zal het zich later gaan beseffen. Ik ben nu bijna 45 en in 2013 kwam mijn droom uit: een eigen album met nummers die ik samen met mijn Amerikaanse vriend en tekstschrijver Tom R. Lansner,  hebben geschreven. Ik speel al muziek vanaf mijn vierde jaar en ik schrijf al liedjes vanaf dat ik ongeveer 19 ben. ‘Dan heeft het toch wel erg lang geduurd voordat het eerste album verscheen’ hoor ik u zeggen en dat klopt. Ik moet dan ook wel even terug gaan in mijn geschiedenis om dit uit te leggen, en om te verklaren waarom dit album ‘Dashboard Jesus’ een bijzonder verhaal is.

Rosario

Toen ik 19 was ben ik in Diemen op mezelf gaan wonen, ik wilde acteur worden maar werd afgewezen in zowel Amsterdam als Maastricht. Dat was erg pijnlijk, maar ik moest wel wat gaan doen, dus trad ik in de voetsporen van mijn vader, en ging een opleiding volgen als leraar. Studeren bleek toch mijn ding niet te zijn. Rosario kwam  uit de Filippijnen en had al         de Nederlandse nationaliteit toen ik haar ontmoette op die gedenkwaardige dag 27 november 1995 in de Bourbon Street op het Leidseplein in Amsterdam. Ik zong voor haar ‘Cowgirl in the Sand’ van Neil Young en the rest is history.

Rosario is verreweg het meest intelligente mens die ik ben tegengekomen in mijn leven en iemand met een ongelofelijk doorzettingsvermogen. Zij heeft nu al bijna 20 jaar een zeer succesvolle zaak, eigenhandig opgebouwd en sinds 1999 werk ik voor haar. Zij heeft mij zoveel geleerd en geïnspireerd dat ik haar als eerste moet noemen betreft mijn droom die is uitgekomen. Zij heeft iets gepresteerd wat maar voor weinig mensen is weggelegd, ga maar na: je komt uit het arme Filippijnen en bouwt in een vreemd land een zeer succesvolle zaak op. En succesvol is ze tot op de dag van vandaag.

Ik werd 40 jaar in 2009 en Rosario gaf mij een ongelofelijk cadeau. We gingen met z’n tweeën voor 5 dagen naar Nashville. Ik was nog nooit in Amerika geweest en wilde heel graag daar naar toe, en natuurlijk vooral naar Nashville. Ik zal het nooit meer vergeten, de eerste dag liep ik met Rosario naar de vermaarde Gruhn Guitar shop. Ik heb daar toen een prachtige oude Guild western gitaar gekocht en diezelfde avond heb ik met een lokale band in Tootsies een paar nummers gespeeld. Teruggekomen in Amsterdam wist ik dat het tijd was om eigen nummers te gaan opnemen.

Tom R. Lansner

Ik was al een tijdlang bevriend met Tom. Onze dochters zaten in dezelfde klas. Hij komt uit New York en heeft als journalist zo ongeveer de hele wereld gezien. Grappig feit is dat hij op dezelfde dag jarig is als ik: 4 april. Hij is wel 16 jaar ouder dan ik, en dat komt absoluut terug in zijn teksten. Ik vind zijn teksten ongelofelijk goed en ben ook zeer trots dat ik zijn teksten op muziek heb mogen zetten. Ik heb zelf veel teksten geschreven in het Engels maar omdat het mijn moedertaal niet is raak je eigenlijk nauwelijks de kern. Mocht je fragmenten van ons album gaan beluisteren neem dan ook de tekst eens onder de loep. Tom is wat mij betreft de ‘Lennaert Nijgh’ en ik mag als ‘Boudewijn de Groot’ zomaar muziek onder zijn teksten zetten.

‘Dashboard Jesus’

Tom gaf mij eind 2011 een tekst met de titel ‘Lyin’ Cheatin Bully. Ik had eigenlijk binnen 10 minuten de akkoorden en de melodielijn al geschreven. Zoals mijn grote held Hank Williams al zei: als het langer duurt dan 30 minuten om een melodie te schrijven wordt het geen goed nummer. Daar heeft hij voor een groot gedeelte gelijk in. Ik heb op mijn home studio een versie gemaakt van ‘Lyin’ en dat aan Tom laten horen. Hij was erg enthousiast en gaf mij nog een aantal teksten die hij vroeger had geschreven. We besloten samen om te gaan investeren in het maken van een album. En ja het moest een top album worden. Ik had in die jaren daarvoor geleerd van Rosario dat als je iets doet dan moet je het goed doen.

Hetzelfde gold voor Tom (ook samen met een zeer succesvolle Aziatische vrouw). Ik speelde op dat moment in een country cover band waarvan ik wist dat ik het album niet met hun ging opnemen. Ze waren ook niet erg enthousiast toen ik vertelde dat ik een album ging opnemen met eigen werk. Twee jaar Nashville is een goede les geweest voor mij, vanaf nu alleen maar met vrienden in een band zoals ik het nu voor elkaar heb.

Oude Helden

Het ongelofelijke gebeurde er. Op één van de laatste optredens in Nashville op het country festival Moresnet kwam ik een Belg tegen die mij het email adres gaf van Ronnie Guilbeau. Ronnie is de zoon van Gib Guilbeau die midden jaren ‘70 de frontman was van The Flying Burrito Brothers. Jawel, één van mijn favoriete bands waardoor ik muziek ben gaan spelen vanaf dat ik 15 jaar was. Ronnie heeft nog meegeschreven aan het nummer ‘Call me Love’ van Poco. Ik kon het eigenlijk niet geloven, Ronnie heeft samen met Billy Graham ( 25 jaar bassist bij Glenn Campbell ) een studio in Nashville. Ze hebben contact met al mijn vroegere helden voor zover ze nog in leven zijn. Ronnie en ik hebben anderhalf jaar gewerkt aan het album en hij heeft een aantal geweldige muzikanten op ons album laten meespelen. Wat dacht je van ‘Spooner Oldham’ de keyboard man en schrijver van talloze hits. Heeft op ontelbare nummers orgel gespeeld o.a. voor Neil Young één van mijn 3 grote helden ( andere twee zijn Hank Williams en Gram Parsons). Verder hebben een aantal oude bandleden van The Flying Burrito Brothers en de zoon van de legendarische fingerpicker Merle Travis, Thom Bresh op het album meegespeeld. Ook de andere muzikanten die meespelen hebben hun sporen ruimschoots verdiend. Kijk maar eens op de website www.renemeijer.eu. Het album is goed ontvangen in Nederland en we worden met name lokaal en regionaal veel gedraaid van Groningen tot Maastricht.

De Band

We zijn nu als band 1 jaar bezig en hebben inmiddels al behoorlijk wat optredens achter ons liggen. We merken dat de eigen nummers goed vallen bij het publiek en daar zijn we erg blij mee. Rondom ons album spelen we bekende covers van artiesten die ons hebben geïnspireerd. En we zijn bezig met ons tweede album waarvan de titel ‘Blame it on my Wife’ zal heten zie ook het verhaal van Tom en ondergetekende.

 

Lees verder…